“Niet zomaar ergens een melkrobot inploffen”

29 februari 2024

‘Een blik op de veehouderij van morgen’, daartoe lieten enkele sprekers zich verleiden tijdens de gelijknamige studienamiddag georganiseerd door Audenaert nv in Lembeke.  Hoe bouw je echter aan een toekomst in de grote onzekerheid die vandaag over alle sector hangt? “Blijf doelen zetten, en zorg ervoor dat je als je investeert in de bestaande situatie, nog altijd de juiste beslissingen maakt”, aldus Frederick Audenaert.

Audenaert nv uit Lembeke en Rijkevorsel bestaat uit drie poten: constructie, mechanisatie en melkwinning. Onder de categorie melkwinning horen onder meer de melkrobots van Fullwood JOZ.  “Als toeleverancier willen we een kennispartner worden van de boer”, verklaarde sales manager Frederick Audenaert het initiatief voor de goed bijgewoonde studiedag.

De juiste oplossing

Het overstappen van een conventioneel melksysteem naar een robot is een van de investeringen die je als melkveehouder kan doen zonder aan de omvang van de stal (en dus de vergunning) te raken. Door de compactheid kunnen er soms nog enkele koeplaatsen gewonnen worden. Sommigen zien dit misschien als een tussenoplossing totdat er weer ontwikkelingskansen liggen. “Maar je kan niet zomaar een melkrobot inploffen en dan kijken of het rendeert. Een oplossing moet de juiste zijn, ook al werk je in een bestaande stal. De tijd die vrijkomt door het overschakelen op melkrobots moet je kunnen investeren in die koeien die je aandacht nodig hebben en niet in het ophalen van koeien.” De bezettingsgraad van een robot moet daarbij een evenwicht zijn tussen de productie per robot enerzijds en comfortabel werken anderzijds. “Meer koeien houden op een robot staat niet altijd gelijk aan meer melk. Een hoge bezettingsgraad mag niet tot dure liters melk leiden.” Audenaert ziet hoe ook de software van melkrobots steeds beter en gebruiksvriendelijker wordt. “Vijftien jaar geleden hoorde je vaak zeggen dat een melkrobot iets was voor de jonge boeren. Maar vandaag kan een robot voor alle generaties. Laat het softwarepakket het werk doen. Het is de combinatie van sensoren die tot de juiste analyse leidt. In een goed softwarepakket komen enkel de nuttige gegevens naar voor.” 
 

 

cvxw
JOZ-stikstofstripper

Het Nederlandse JOZ heeft niet alleen de Merlin-melkrobot (Fullwood) in het gamma, maar werkt ook aan de ontwikkeling van de stikstofkraker Gazoo. Hierbij wordt drijfmest eerst gescheiden in een dunne en dikke fractie. Vervolgens wordt die dunne fractie gefilterd en via het gebruik van een base en een zuur wordt de ammoniak uit de dunne fractie gewassen/gestript. JOZ heeft aan de Nederlandse overheid gevraagd of het dit stikstofrijk eindproduct mag beschouwen als kunstmestvervanger. JOZ denkt met zijn stikstofstripper te kunnen komen tot 65% minder stalemissie (ammoniak). Omdat de Nederlandse provincies de Nederlandse RAF-lijst met ammoniakemissiearme technieken in de praktijk niet meer gebruiken om vergunningen te verlenen, werkt het bedrijf nu aan metingen per stal. In Vlaanderen kan de techniek pas een verschil maken als deze op de PAS-lijst komt. JOZ wil maar als de techniek in Nederland volwaardig gewaardeerd wordt, de stap naar Vlaanderen en de Vlaamse PAS-lijst zetten. Ook over de versnelde procedure om Nederlandse technieken op de Vlaamse PAS-lijst te kunnen zetten ervaart JOZ nog veel onduidelijkheid.  
 

NIels
Cashflow per kg ammoniak

Bedrijfsadviseur Niels Achten van Liba zag ammoniakuitstoot als een soort nieuw quotum. Beoordelen we voortaan boekhoudingen aan de hand van de cashflow per kg ammoniakuitstoot? Hoe dan ook is die cashflow per kg ammoniak erg sterk gerelateerd met saldo per koe. Een hoge productie gecombineerd met een redelijke voederkost vormt daarbij de basis. “In de melkveehouderij kent bijna niemand zijn voersaldo, het verschil tussen de melkprijs en de voerkosten. In andere veesectoren is dat voersaldo veel beter gekend.” Veehouders staan met het reduceren van hun stikstof/ammoniakuitstoot voor een stevige uitdaging. Zoals het stikstofakkoord er nu is, ziet Niels het kopen van ammoniakrechten van een ander bedrijf (extern salderen) maar weggelegd voor een klein aantal bedrijven dat dicht bij elkaar ligt en waar de afstand tot een geïmpacteerd natuurgebied voldoende groot is. Een voorwaarde voor extern salderen is immers dat het nabijgelegen natuurgebied niet nadelig beïnvloed mag worden.
 

Het wordt zo slecht nog niet

Ook emissiearme vloeren ziet Niels – gezien de kritiek op de vloeren in Nederland – niet als een wonderoplossing. “Vandaag zitten veel bedrijven in een door overheid opgelegde transitie en stilstand. Ze hebben geen punt aan de horizon om naar te werken. Nochtans is het hebben van die visie wel belangrijk. Werk hieraan.” In Nederland begeleidt Liba enkele groepen melkveehouders die de afgelopen jaren opvallend vaak hebben gekozen voor het uitbouwen van een tweede tak: vleeskalveren, zorgboerderij, logies, akkerbouw… “Het voelt enerzijds niet juist om hiervoor te moeten kiezen, maar wees zeker niet blind voor de mogelijkheden. Een tweede tak zorgt voor risicospreiding en kan je helpen een moeilijke periode door te komen. Het vraagt wel focus op twee dingen die je beide even goed moet doen, maar het kan wel. Voor een opbeurende noot verwees hij naar de EU Agricultural Outloook. Dit vooruitzicht van de Europese Commissie voorspelt voor Europa de komende tien jaar minder koeien, minder melk, en stijgende melkprijzen. Dat betekent dat minder melk naar de wereldmarkt moet. “Voor diegene die willen blijven in de melkveehouderij: het wordt zo slecht nog niet”, besloot hij.