Menu

Moeten we bang zijn voor de wolf?

Terug naar Actualiteit
Regio: 
Er zijn heel wat bezorgdheden omtrent de wolf in Vlaanderen. "We wisten niet precies wanneer, maar het was wel duidelijk dat het zou gebeuren."...

Patrick Dieleman 

In onze kinderjaren werd ons een heilige schrik voor de wolf aangepraat via allerlei sprookjes. Vooral Roodkapje haalde eeuwige roem dankzij die wolf. Maar hoe moeten we de terugkeer van de wolf bekijken? En hoe gaat de overheid ermee om? Die vragen kon Dries Gorissen van het Agentschap Natuur en Bos beantwoorden. Hij is er verantwoordelijk voor de afdeling Gebiedsgerichte Werking, die onder meer zorgt voor de implementatie van de Europese Natura 2000-doelstellingen.

Volgens Dries Gorissen van het ANB was het niet echt een verrassing toen de wolf in Vlaanderen opdook. “We wisten niet precies wanneer, maar het was wel duidelijk dat het zou gebeuren. De enorme kolonisatie die op gang kwam in Duitsland, reikte al tot aan de grens met Nederland. In 2011 kwam er toevallig wel eens een wolf in beeld in Wallonië. Onze minister gaf toen meteen de boodschap dat de wolf welkom was bij ons. Maar we moeten ons als samenleving daarop organiseren, want uiteraard kan de wolf ook overlast met zich meebrengen. Naast enthousiaste reacties horen we ook heel wat vragen en bezorgdheden. Daarom hebben we een plan nodig.”

Vlaams wolvenplan

Het wolvenplan werd vorig jaar in augustus goedgekeurd. Het bevat een beschrijvend deel over de ecologie en over ervaringen met de wolf, maar ook een actiegericht luik. Communicatie en voorlichting is gepland over heel Vlaanderen, maar momenteel spitst die zich vooral toe op de regio’s waar de wolf zich vestigt. “Dat gaat bijvoorbeeld over wat je moet doen als je oog in oog komt te staan met een wolf, hoewel die kans uiterst miniem is. Verder gaat dat vooral over wat je het best doet om de schade te beperken wanneer je vee hebt in een wolvengebied, en over de procedure voor schadevergoeding wanneer je schade hebt. De regeling voor schadevergoeding was al uitgewerkt, maar de campagne errond en die rond schadepreventie hebben we in overleg met besturen en organisaties uitgewerkt toen de wolf al opgedoken was.

Het tweede luik in het wolvenplan behandelt de preventieve maatregelen die je het best neemt in wolvengebied en wat je doet als je schade hebt. Een laatste blok gaat over monitoring en bescherming. Het cameranetwerk dat we hebben uitgebouwd met het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO) moet ons helpen om zicht te krijgen op de actieradius en het gedrag van de wolven. Die informatie gebruiken we ook om de risicozone af te bakenen waarin we mensen gericht stimuleren om maatregelen te treffen die wolven weren.” Dries Gorissen vermeldt nog dat ze in de aanloop naar het wolvenplan alle belanghebbenden hebben samengebracht: vertegenwoordigers van lokale besturen, van natuur- en landbouworganisaties, de jachtsector en de jeugd (met het oog op jeugdkampen). “We hebben hun input en bezorgdheden meegenomen in het wolvenplan.”

Een laatste deel van het wolvenplan is het verder structureren van overleg in een platform. “We volgen op hoe het wolvenplan geïmplementeerd wordt, evalueren het en sturen zo nodig bij. In het najaar zijn we ook gestart met lokaal overleg in het wolvengebied (Noord-Limburg). Daarbij betrekken we ook plaatselijke vertegenwoordigers uit alle sectoren. We hebben ons vooral daarop geconcentreerd, omdat daar de vragen en bezorgdheden waren en daar actie nodig was. We zijn er nu bezig met een informatiecampagne over preventie en schadevergoeding (zie kader). We hadden al vergaderingen in Peer en Hechtel-Eksel. Op 9 mei volgt een vergadering in Bree en we plannen een infovergadering in de provincie Antwerpen. Op 16 mei wordt er een demonstratiedag georganiseerd in Maasmechelen. Daar gaan we onder meer omheiningen demonstreren die wolfproof zijn.

Ik wil nog eens benadrukken dat schadepreventie cruciaal is. Preventie vergt ook solidariteit onder de veehouders. Het gaat niet op om te zeggen dat jouw paar schapen niet de moeite lonen en dat je het risico wel neemt. Als meerdere mensen zo redeneren, leren ze die wolven om op schapen te jagen. Wolven maken geen onderscheid tussen dieren van professionele schapenhouders of van liefhebbers. Daarom vinden we het zo belangrijk dat ook de liefhebbers goed geïnformeerd zijn.”

Risicogebied

Op basis van de waarnemingen, het cameranetwerk en de schadegevallen werd een risicozone aangeduid (zie kaart). Er is een hoogrisico-zone, met name de kern van hun territorium, en de gemeenten daarrond, waar ze ook wel al eens opgedoken zijn en schade aangericht hebben. Dan is er een veel bredere laagrisico-zone. Binnen die zone kan je een vergoeding krijgen voor preventieve maatregelen. “De kern van dat gebied wordt gevormd door het militair schietterrein van Helchteren, het militair kamp van Beverlo en Bosland. Samen gaat dat over een kleine 13.000 ha harde natuur. Alle wolven krijgen een codenummer waarmee ze gevolgd worden, maar met hun namen kunnen we wat gemakkelijker over hen communiceren. Naya is toegekomen begin januari 2018. Ze had toen nog een halsband met gps-zender. August is gearriveerd midden augustus van vorig jaar. Het zijn erg schuwe dieren. Sindsdien hebben we slechts een handvol zichtwaarnemingen.”

Bezorgdheden

Veel van onze leden in het gebied vragen zich af wat er zal gebeuren als die twee wolven jongen krijgen. Wordt dat een probleem zoals met de everzwijnen? “We weten dat wolven zeer territoriaal zijn. Ze leven in familiegroepen (roedels), die een territorium bezetten. In principe bestaat een roedel uit een ouderpaar, de jongen van dat jaar en eventueel ook nog jongen van het jaar voordien, want jongen verlaten de roedel tussen een leeftijd van 10 en 22 maanden. Daarmee is het territorium van de roedel volzet. Vreemde wolven zullen ze verjagen. Een territorium is doorgaans tussen de 200 en 400 km². Bij ons heeft dat wolvenkoppel 120 tot 150 km² harde natuur. Met de gebieden errond zit je ruim boven de 200 km². Als er zich nog nieuwe wolven vestigen in Vlaanderen, zal dat moeten gebeuren in andere gebieden, al dan niet grensoverschrijdend.

Het is totaal onvoorspelbaar waar mogelijke jongen van Naya en August naartoe zullen trekken. Die dieren hebben honderden kilometers overbrugd om bij ons te komen. Of ze ergens blijven, hangt af van voldoende rust, een voldoende groot gebied met voldoende wild. Naya is opgegroeid in Duitsland, in een militair domein met karakteristieken die zeer vergelijkbaar zijn met het kamp van Beverlo: heidegebieden, naaldbossen, beekvalleitjes.

Dries: “Het is ook moeilijk te voorspellen hoeveel wolven we hier in Vlaanderen kunnen hebben. Het kan zeker nooit de proporties aannemen van de everzwijnen. Als de territoria bezet zijn, dan zit het vol. Over die aantallen hebben we geen uitspraken gedaan in het wolvenplan. We gaan dat eerst grondig monitoren en de nationale en lokale overlegplatformen gebruiken om de overlast zeer goed in beeld te krijgen. Op basis daarvan zullen we ons organiseren. De sterke verstedelijking van Vlaanderen is nieuw voor de wetenschappers die de wolf opvolgen. We kunnen ons onmogelijk vergelijken met gebieden als Mecklenburg-Vorpommern, waar Naya vandaan komt. We stellen vast dat de wolven het grootste natuurcomplex van Vlaanderen uitgekozen hebben en dat ze zich nooit laten zien. De enkele waarnemingen gebeurden bij toeval en beperkten zich ertoe dat die mensen in de verte een wolf zagen weglopen.”

Op Europees vlak bestaat er een onderzoeksnetwerk, waarmee de mensen van het INBO informatie uitwisselen. Alle DNA-analyses komen in dezelfde databank. “Op die basis kunnen ze uitmaken vanuit welke roedel een wolf afkomstig is die hier in Vlaanderen opduikt. We hadden ook contact met de mensen die in onze buurlanden de wolvenplannen gemaakt hebben. We willen die contacten nog uitbreiden, omdat wolven zich uiteraard niet houden aan administratieve grenzen.”

De schade beperken

Zal de schadevergoedingsregeling niet afgeschaft worden, nu er een subsidieregeling is voor wolfwerende afsluitingen? “Daar is op dit moment zeker geen sprake van. Wanneer jouw terreinen in de risicozone liggen, kan je subsidie vragen wanneer je maatregelen neemt om de wolf te weren, mits je alle criteria respecteert. Op dit ogenblik zijn er weinig redenen om buiten de risicozone maatregelen te nemen. Die risicozone wordt om de drie maanden geactualiseerd. De vergoeding vanuit ANB zowel als die vanuit Landbouw en Visserij is gekoppeld aan deze risicozone. Wanneer er ergens een nieuwe wolf opduikt, wordt die lijst aangepast.”

Is het een optie om de natuurgebieden te omheinen? “Met de bestaande vergoeding willen we mensen stimuleren om hun omheiningen te upgraden en wolfproof te maken. We zetten wel draad langs grote wegen, maar dat is om ongevallen te voorkomen. Vorig jaar hebben we in onze eigen schaapskuddes, die we inzetten in heidegebieden, een tiental schadegevallen gehad als gevolg van honden. Ook die kan je voorkomen met een goede afrastering. Dat risico is wellicht veel hoger en je loopt het bovendien overal in Vlaanderen. We kunnen perfect vaststellen of een wolf dan wel een hond de schapen aangevallen heeft. Een wolf eet bijvoorbeeld in principe de ingewanden niet op. Hij gaat ook heel secuur te werk wanneer hij zijn prooi opeet. Een hond is veel ruwer. Het is heel belangrijk dat mensen na een schadegeval meteen contact opnemen. De permanentiedienst is altijd bereikbaar. Om bruikbaar te zijn moeten DNA-stalen binnen de 24 uur genomen worden. Die geven dan uiteraard uitsluitsel of het al dan niet om een wolf gaat. Stel dat er schapen aangevallen werden in Arendonk, buiten het risicogebied. Dan kunnen we zien of August of Naya een uitstap gemaakt hebben, of geen van beide. In dat geval zou er een derde wolf in het spel zijn, waardoor we onze risicozone veel sterker moeten uitbreiden dan alleen met die ene gemeente.”

Hoort de wolf hier wel thuis?

De terugkeer van de wolf wordt bij landbouwers en in Limburg niet op gejuich onthaald. De vraag of het dier in een verstedelijkt Vlaanderen wel thuishoort of een plaats heeft, wordt terecht gesteld. Ook de professionele land- en tuinbouw moet mogelijk blijven.

Eigenlijk verwacht men dat veehouders, particulieren en professionelen, zich aanpassen aan deze nieuwe realiteit. Dat is niet vanzelfsprekend, want ze hebben het gevoel bedreigd te zijn in hun ondernemerschap of hun hobby.

Een omheining die geplaatst werd om dieren binnen te houden, krijgt nu ook de functie om dieren zoals de wolf buiten te houden. Daardoor moet ze aan helemaal andere eisen voldoen, die aanzienlijke investeringen vergen, in middelen en tijd. Voor Boerenbond moet de overheid tegemoetkomen in de volledige investering én in de onderhoudskosten. Verder mogen die middelen, ook voor professionelen, niet uit het landbouwbudget komen, zoals nu het geval is.

Voor wie nog meer wil weten

  • Informatie over wolfwerende middelen, subsidies en schadevergoeding vind je op  www.natuurenbos.be/wolven. Ook de kalender van de reizende tentoonstelling vind je hier.
  • Infovergadering op 9 mei, in het stadhuis van Bree (inschrijven via diezelfde webpagina)
  • Demonstratiedag ‘Wolfwerende middelen’ op 16 mei in Maasmechelen (De Salamander)
  • Permanentie voor meldingen: provincie Limburg: 011 74 25 03, provincie Antwerpen: 03 224 62 48
  • Twee infovergaderingen omtrent blauwtong en de wolf
    - Dinsdag 7 mei om 20u in het provinciaal kantoor Boerenbond & Landelijke Gilden van Roeselare, Ter Reigerie 13
    - Donderdag 9 mei om 20u in het provinciaal kantoor Boerenbond & Landelijke Gilden van Gent, Kortrijksesteenweg 1144 J (parkeren op Carrefour)
Deel deze pagina: