dd

Melkveehoudster Sabina Vandeweyer weet niet wat toekomst brengt

25 mei 2022

In Wuustwezel zit ook Sabina Vandeweyer door het PAS-ontwerp met de handen in het haar. Met haar man Luk Francken baat ze met veel inzet en passie een melkveebedrijf uit. “We hebben echter geen zicht op de toekomst. Niet op die van ons, of op die van onze eventuele opvolger.”

Het melkveebedrijf van Sabina Vandeweyer en Luk Francken is een schoolvoorbeeld van een typisch, familiaal melkveebedrijf in de Noorderkempen. Met een impactscore van 0,1 moet men volgens het PAS-ontwerp echter ook hier voldoen aan de generieke maatregelen.

“Het stikstofakkoord is er echter nog niet in de definitieve vorm. Ook wij weten niet welke impact dat heel concreet op onze uitbating zal hebben.”

Zowel Sabina als haar man Luk kregen de passie voor landbouw en melkveehouderij van kindsbeen af ingelepeld. “Ik wilde als kind boerin worden, dat was mijn grote droom”, zegt Sabina, die zich ook inzet voor Ferm als regionaal voorzitster en nationaal melkveevoorzitser. Ze is tevens ook een trekker in de werkgroep tégen het nationale park.

“Toen was het vanzelfsprekend om voluit voor die droom te gaan. Voor de jonge generatie is dat vandaag niet meer zo, helemaal niet zelfs. Ik was vooral  aangetrokken door het verzorgen van de dieren en ook door de zelfstandigheid, die je op je bedrijf hebt.”

Installatie melkrobot

In 1996 kon het ouderlijk bedrijf dat in woonuitbreidingsgebied lag, niet meer uitbreiden. “We hebben de vergunningen overgenomen (melkvee, de vergunning voor de legkippen werd ook omgezet naar rundvee) en het nieuwe bedrijf Wolkenvenhoeve in Wuustwezel opgetrokken.”

Er werd gestart met 50 melkkoeien, wat na de installatie van onder meer een melkrobot in 2009 groeide naar 120 melkkoeien vandaag, en evenveel stuks jongvee.

Het dagelijks management van het melkveebedrijf is de job van Sabina, vooral de dieren en de administratie. Ze krijgt daarbij de hulp van haar man Luk. Hij staat elke morgen in voor het voeren van de koeien. Door onder meer de sluiting van de melkquotummobiliteit besliste Luk om een eigen bedrijf op te starten, dat zich focust op (nieuwbouw, renovatie en optimalisatie van) stalinrichtingen en waterleidingen.

“Voordeel is dat ik kan inplannen wanneer ik waar kan werken: op het melkveebedrijf als dat nodig is, of in onze akkerbouwtak. En als het bij ons met de veldwerkzaamheden druk is, dan is dat ook zo bij collega’s. Dan moet ik daar ook niet langsgaan voor stalinrichtingen. Boeren helpen daar ook graag bij, en dat gebeurt dan in de wat rustigere veldwerkperiodes”, vult Luk aan. Ook de drie dochters helpen na schooltijd mee op het bedrijf, de ene met al wat meer goesting dan de andere.

Voor de productie van ruwvoeders zit in het teeltplan 40 ha mais en 35 ha grasland, en verder ook enkele hectares voederbieten.

PAS: hét onderwerp

Aan de keukentafel gaat het vaak maar over één onderwerp: het hele PAS-dossier, dat ook hier als een zwaard van Damocles boven de melkveestallen hangt. “Je staat ermee op en je gaat ermee slapen. Men wil de boeren weg in ons land. Dat is hoe men de perceptie creëert. Het besef groeit gelukkig echter – onder meer omdat alles duurder wordt – dat we wel eens door het hele PAS-verhaal en alles wat errond hangt, voor ons voedsel afhankelijk zouden kunnen worden van het buitenland.”

“En dat naast de prijzen die ongetwijfeld verder zullen stijgen. We hebben de indruk dat men ons weg wil pesten, om de ingenomen gronden vervolgens in en om te zetten voor natuur, industrie en wonen.”

Concreet wat PAS betreft, zit het melkveebedrijf op een impactscore van 0,1. “Dat is verwaarloosbaar en toch zouden we nog extra inspanningen moeten doen. Maar er is nog geen definitief, sluitend kader. Hoe wordt het opgelost? Wat moeten we doen? Werd het allemaal juist berekend? Het zijn vragen waarop we geen sluitende antwoorden hebben.”

Niet meer melk

Zo kregen de uitbaters enkele jaren geleden ook de milieuinspectie over de vloer. “Dan hebben we bijvoorbeeld onze sappenopvang verbeterd. Nu voldoet hij niet meer na een nieuwe controle van een paar weken geleden. En zo kunnen we nog even doorgaan. Dat kost allemaal veel geld en de uitkomst is onzeker. Het is niet omdat je meer investeert dat de koeien meer melk geven. Of bijvoorbeeld het toeleggen van de roosters. Is al bewezen dat zo’n maatregel beter is voor de klauwgezondheid? We werken nu al op de meest duurzame manier.”

De komst van een nieuw Nationaal Park en een militair domein in de buurt maakt de bedrijfsvoering er ook niet gemakkelijker op. “Het zou best kunnen dat men na de afbakening van nieuwe gebieden verder opschuift. Men is bijvoorbeeld van plan om delen onder water te gaan zetten. Wat zullen onze gronden dan nog waard zijn?”

Sabina heeft, onder meer door haar betrokkenheid bij Ferm, veel contact met collega-landbouwers. “Iedereen zit vandaag in een dipje. We zijn allemaal wat terneergeslagen. Doorzetten? Natuurlijk, we zijn plantrekkers! Er is trouwens geen andere optie. Wij moeten nog 20 jaar werken. Onze middelste van drie dochters heeft interesse om later verder te doen. Maar haar stimuleren of afremmen? We zijn door het hele PAS-verhaal geneigd om voor de tweede optie te kiezen.”

Die rechtsonzekerheid, zeker voor de jonge én volgende generatie, werkt verlammend. “Wat als er een generatie tussenuit zou vallen? Dan is het definitief voorbij. Het doek valt dan voorgoed over onze zo sterke, familiale, Vlaamse landbouw. Boeren is een passie, een manier van leven. Dat krijg je net als kind mee. Ik zie mezelf niets anders doen. Maar het moet haal- en werkbaar blijven.”

Administratieve overlast

Sabina Vandeweyer roept dan ook iedereen, land- en tuinbouwers én sympathisanten, op om een bezwaarschrift te maken en in te dienen. “Het is de enige manier om krachtdadig onze stem samen te laten horen. De kracht van het getal moét werken. Iedereen heeft belang bij rechts- en bedrijfszekerheid.”

Het zou ook het welbevinden van de land- en tuinbouwers ten goede komen. “We praten ook binnen Ferm heel vaak over dat welbevinden. Weet je wat hoog bovenaan de lijst staat van wat welbevinden zwaar beïnvloedt? Niet het melkgeld, wat uiteraard ook belangrijk is, maar vooral de administratieve overlast die jaar na jaar toeneemt. Ook de controles blijven een belangrijk aandachtspunt. Het zijn moeilijke tijden, ja. Maar onlangs hadden we een appelactie, en de sympathie die we toen hebben gekregen, deed enorm veel deugd. Maar van sympathie alleen leef je echter niet.”