Koolstoflandbouw als (bij)verdienmodel

15 maart 2022

Europa wil tegen 2050 geheel klimaatneutraal zijn door de uitstoot van CO2 in alle economische en maatschappelijke sectoren drastisch te beperken en de onvermijdelijke resterende CO2-uitstoot uit de atmosfeer te halen en vast te leggen. Hiervoor wordt onder meer een beroep gedaan op de landbouwsector. Moet de sector niet eerst voor eigen CO2-deur vegen vooraleer anderen uit de nood te helpen? De landbouwsector ruikt ook kansen en staat open voor bepaalde initiatieven. Boerenbond pioniert reeds met koolstoflandbouw en krijgt hierdoor een beter zicht op opportuniteiten en mogelijke valkuilen.

Het kader is bekend. Europa wil tegen 2050 als eerste continent klimaatneutraal zijn. Tegelijk zullen we ons moeten aanpassen aan de klimaatverandering waarvan het Intergovernmental Panel on Climat Change (IPCC) vorige maand nog aantoonde dat de gevolgen zich al onmiskenbaar wereldwijd laten voelen. Op het ene continent meer dan op het andere. Het ambitieuze Europese klimaatplan wordt Green Deal genoemd. De oorlog in Oekraïne doet (vooralsnog) geen afbreuk aan dit alomvattende plan. Integendeel, de Europese Commissie ziet de oorlog als een wake-upcall en opportuniteit om de Europese afhankelijkheid van ingevoerde fossiele brandstoffen sneller in te ruilen voor meer eigen hernieuwbare energie. En, ook hier wordt naar de landbouwsector gekeken. De EU wil op zeer korte termijn een verdubbeling van duurzame productie van biogas. De EU wil dat het gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB) helpt om van boeren energieproducenten te maken … Enkele maanden voordien leek alles nog rond koolstoflandbouw te draaien. Opeens zijn boeren en het GLB overbevraagd. Heeft de landbouw niet als eerste opdracht om voedsel te produceren? Want ook dat komt met de oorlog in het gedrang! Kunnen opdrachten worden gecombineerd? Waar is aan (bij)verdiend?

Terug nu naar de Green Deal en de koolstofopslag. Zowel koolstoflandbouw (carbon farming) als industriële processen (onder andere koolstofmineralisatie) zullen op termijn nodig zijn om jaarlijks honderden miljoenen ton CO2 uit de atmosfeer te verwijderen. Zij zullen een belangrijke rol spelen bij de verwezenlijking van de Europese doelstelling om tegen 2050 en nadien klimaatneutraal te zijn en te blijven. In de Farm to Fork-strategie, landbouwonderdeel van de Green Deal, kondigde de Europese Commissie twee jaar geleden maatregelen voor koolstoflandbouw aan. Eind vorig jaar legde ze bij de Raad van Ministers en het Europees Parlement haar plannen voor ‘duurzame koolstofcycli’ neer en tegen het einde van het jaar komen concrete voorstellen voor een betrouwbaar en transparant boekhoudings- en certificeringskader voor koolstofverwijdering uit de atmosfeer dat, naar verluidt, wetenschappelijk onderbouwd zal zijn. De Europese Commissie zegt dat belanghebbenden bij de voorbereiding van het wetgevingsvoorstel en de bijbehorende effectbeoordeling actief zullen betrokken worden. Vandaar ook dat Boerenbond niet heeft nagelaten met koolstooflandbouw reeds te pionieren om ervaring op te doen. Een delegatie van Boerenbond en partners in het Europees Interreg North Sea Region-project ‘Carbon Farming’ stapten trouwens eind november met de eerste bevindingen en beleidsaanbevelingen naar Frans Timmermans, uitvoerend vicevoorzitter van de Europese Commissie voor de Green Deal, nog vooraleer hij zijn mededeling over duurzame koolstofcycli uitbracht. Daarin noemt hij duurzaam landbeheer van cruciaal belang om de Europese doelstelling van klimaatneutraliteit in 2050 te bereiken, aangezien dit de hoeveelheid koolstof die wordt vastgelegd en opgeslagen in de bodem zal doen toenemen. Hij wil dat niet alleen bossen maar ook akkerland, grasland en waterrijke gebieden jaarlijks een nettokoolstofverwijdering optekenen. 

Hoge Europese ambities

De Europese Commissie ziet koolstoflandbouw als een ‘groen’ bedrijfsmodel waarbij landbeheerders koolstofkredieten kunnen verkopen op vrijwillige koolstofmarkten (of hiervoor vergoed kunnen worden door middel van overheidsfinanciering zoals het GLB). Het potentieel is aanzienlijk en het is nu de moment om dit hoogwaardige aanbod op te schalen met een passende beloning. Koolstoflandbouwkredieten worden als extra product gezien naast traditionele landbouwproducten zoals voedsel, voeder en biomassa. Aan de vraagzijde kunnen voedingsbedrijven staan die hun koolstofvoetafdruk willen verkleinen. Voedsel met een lage koolstofvoetafdruk kan een erkende toegevoegde waarde en concurrentievoordeel zijn. Potentiële kopers van koolstoflandbouwkredieten kunnen bedrijven, particulieren maar ook openbare besturen zijn die een bijdrage willen leveren aan klimaatacties of hun eigen emissies willen neutraliseren. Zij moeten dat niet per se in ontwikkelingslanden neutraliseren maar kunnen dat via de lokale boeren doen. Koolstoflandbouw kan een alternatief zijn voor al dan niet lokale klimaatbossen. “Koolstofopslag onder grasland is even groot als koolstoflandbouw onder bos”, brengt Diane Schoonhoven, adviseur Klimaat, Energie en Duurzaamheid bij Boerenbond, ons in herinnering.

Hoe moet het nu? De Europese Commissie ziet private samenwerkingsverbanden ontstaan en/of een private koolstofmarkt die vraag en aanbod met elkaar in contact brengt. Het ‘Clair’-project (Clair = Clean Air, www.clair-co2.com) waarmee Boerenbond en de Bodemkundige Dienst van België (BDB) experimenteren, is zo’n eerste Vlaams lokaal platform dat vraag en aanbod samenbrengt. Ter informatie, Clair gaat uit van een vergoeding van 50 euro/ha/jaar met na zes jaar een kans op een bonus mochten koolstofmetingen wijzen op meer koolstofopslag dan voorzien.

De Europese Commissie van haar kant rekent in de eerste plaats echter vooral op overheidsfinanciering om koolstoflandbouw van de grond te krijgen. En dan wordt gekeken naar het GLB en andere EU-programma’s en -fondsen zoals LIFE en Horizon Europa. Trouwens, Vlaanderen doet dit jaar al een beroep op het GLB. Zo heeft een van de pre-ecoregelingen die reeds vooruitlopen op het nieuwe GLB met koolstoflandbouw te maken. Een voorsmaakje! Het GLB heeft echter ook vele andere doelstellingen, en het GLB alleen zal niet volstaan om het potentieel aan koolstofopslag dat de landbouwsector heeft, te vergoeden.

De Europese Commissie heeft hoge ambities met koolstoflandbouw, met name een nettoverwijdering van 310 Mt CO2-equivalenten in de landsector tegen 2030. Daartoe zou elke landbeheerder toegang moeten hebben tot geverifieerde emissie- en verwijderingsgegevens om een brede toepassing van koolstoflandbouw mogelijk te maken.

Win-winsituatie

Koolstoflandbouw heeft belangrijke (neven)voordelen voor bodemvruchtbaarheid, bodemveerkracht, bodemstructuur, bodemwaterhuishouding, bodembiodiversiteit ... Met andere woorden, koolstoflandbouw is niets meer en niets minder dan goede landbouwpraktijk inzake bodembeheer en … omgekeerd. We weten hoe het met onze bodems gesteld is, ook al zijn daar verklaarbare redenen voor waarom het niet zo goed (meer) gaat. Meteen is gezegd wat koolstoflandbouw is: opslaan en vasthouden van CO2 in de bodem door verbeterde teeltrotatie en het uitzaaien van groenbedekkers, inwerken van oogstresten, gebruik van vaste meststoffen (stalmest) en bodemverbeterde middelen (compost), aanplanting van houtkanten, minimale grondbewerking, blijvend graslandbeheer, efficiënter stikstofgebruik …

In het webinar ‘Carbon farming. Hoe werkt het?’ geeft Jana Roels, consulent Klimaat en Verduurzaming bij Boerenbond, meer uitleg en voorbeelden. Te herbekijken op www.boerenbond.be/actualiteit/wat-weet-jij-over-carbon-farming.

En ja, het effect van de maatregelen kunnen verschillen van boer tot boer, van bedrijf tot bedrijf, van bodem tot bodem en is afhankelijk van weersomstandigheden. Er zijn nog veel vragen. Zoals, moet er niet gevreesd worden voor nieuwe lastenboeken op het bedrijf?

Diane Schoonhoven: “Dat is een van onze aandachtspunten. Boerenbond wil dat de overheid een private koolstofmarkt faciliteert. In een private koolstofmarkt zouden koper en koolstofboer gezamenlijk afspraken moeten kunnen maken, waarbij de boer mee bepaalt wat op zijn bedrijf haalbare maatregelen zijn en wat niet. We gaan ervan uit dat dit een vrijwillige keuze is en een landbouwer er alleen voor kiest als dit binnen zijn bedrijfsvoering past. Het kan en mag hoe dan ook geen verplichting worden.”

En Boerenbond?

De landbouwsector wil positief bijdragen aan de klimaatuitdaging. Enerzijds heeft het opslaan van koolstof in de bodem een positief effect op ‘klimaatmitigatie’ of mildering en -‘adaptatie’ of aanpassing. Anderzijds draagt het bij aan een duurzaam bodembeheer. Boerenbond zoekt naar kansen die dit voor de sector kan opleveren, hierbij staat een verdienmodel voor de landbouwer die bijkomende inspanningen moet leveren centraal. Met koolstoflandbouw kan een geleverde ecosysteemdienst worden vergoed, wat op termijn misschien gelijkaardige mogelijkheden biedt voor andere ecosysteemdiensten. Daarnaast geeft koolstoflandbouw de lokale landbouwer en zijn klimaatinspanningen een gezicht wat het imago van de sector ten goede komt. Daarenboven kan de landbouwsector een lokaal alternatief bieden aan bedrijven die CO2-emissies wensen te compenseren. Door de CO2-uitstoot van dergelijke bedrijven (deels) via de lokale landbouw te compenseren, wordt tegelijkertijd ingezet op lokale economie, lokale voedselvoorziening en milieukwaliteit.

Boerenbond ziet kansen voor de Vlaamse landbouwer en wil Vlaamse en lokale overheden stimuleren in het verder faciliteren van carbon farming weliswaar onder bepaalde voorwaarden. Eerder deze maand lijstte het Hoofdbestuur van Boerenbond de voorwaarden op. Zo heeft de landbouwsector alle belang bij een correct functionerende koolstofmarkt die wordt vertrouwd door bedrijven en overheden. De Vlaamse doorvertaling van de Europese voorstellen met betrekking tot standaardisering van monitoring, rapportage en verificatie naar Vlaanderen zal hierbij een belangrijke rol spelen.

Jacques Van Outryve, senior writer / Illustraties: Joris Snaet

Hoofddoel van landbouwgrond blijft primaire voedselproductie.

Actieve betrokkenheid

Boerenbond wil actief betrokken zijn bij de doorvertaling van de Europese spelregels naar Vlaanderen opdat deze correct, betrouwbaar en tegelijkertijd werkbaar zouden zijn. De roep naar wetenschappelijke onderbouwing op maat van Vlaanderen mag geen rem vormen om aan de slag te gaan met wat vandaag bekend en geloofwaardig is. Daarnaast zijn voor Boerenbond een aantal algemene randvoorwaarden relevant. Zo dient het hoofddoel van landbouwgronden de primaire productie te zijn van met name voedsel en voeders. De deelname aan carbon farming moet voor individuele bedrijven vrijwillig zijn. Tegenstrijdigheden inzake verschillende wetgeving moeten opgeheven worden (zoals het MAP). En, verschillende getallen inzake hoeveelheid opgeslagen koolstof per bedrijfspraktijk moeten worden voorkomen.

Daarnaast werkt de sector verder aan het verlagen van de eigen broeikasgasemissies, die weliswaar nooit volledig te reduceren zijn omdat ze van natuurlijke oorsprong zijn, maar waarvan de impact wel nog verder te verkleinen is.