Johan en team

Johan Stessens bracht samen met zijn collega’s een kinderboek uit

Voor Johan is de sierteelt een late roeping. Hij studeerde voor landbouwkundig ingenieur, was wetenschappelijk medewerker aan de KU Leuven en later bij HIVA, werkte in ontwikkelingslanden en leidde een afdeling bij VITO. Acht jaar geleden besloot hij een nieuwe uitdaging aan te gaan. Zijn oog viel op een advertentie voor ‘Vaste plantenkwekerij Jo Raemen’ in Bocholt, die over te nemen was. Johan en Jo vonden mekaar en werken sindsdien nog steeds samen. Aanleiding voor ons gesprek was een kinderboek, dat Perennial Power uitbracht. Johan is bestuurslid en een van de drijvende krachten achter deze telersorganisatie.

Botanisk

Enkele maanden geleden veranderden Johan en zijn echtgenote Veerle de naam van hun bedrijf in Botanisk. “We wilden een krachtige naam die uitstraalt waar het bedrijf nu voor staat. We hebben eerst twee jaar intensief samengewerkt met Jo en kunnen nog steeds op hem rekenen. Als je een bedrijf overneemt, moet je proberen te behouden wat er is. Daarom hebben we verder gewerkt met de naam ‘Vaste Plantenkwekerij Jo Raemen’. Maar we hebben geleidelijk dingen veranderd en merkten dat het bedrijf echt wel iets van ons geworden is. We voelden ook aan dat daar een krachtigere naam bij zou passen. De naam verwijst naar botanisch. Dat slaat enerzijds op Jo Raemen, die hier nog steeds actief is en een enorme plantenkennis heeft. Maar we zorgen anderzijds dat die kennis gedeeld wordt, zodat er binnen ons bedrijf veel plantenkennis zit.” Daarmee doelt Johan op zijn team, dat bij hem echt wel op een piëdestal staat (zie foto links). Hij heeft zijn team geleidelijk uitgebouwd, voornamelijk met voormalige stagiairs van de landbouwschool van Bocholt. “We hebben ook een slagzin: ‘Puur plantmanschap’. Dat allitereert goed en verwijst ook naar onze activiteiten. Zowel Botanisk als plantmaatschap zijn net iets anders, maar blijven daardoor wel goed hangen.”

Stessens
Stessens
Samenwerken

Hun samenwerking met enkele collega’s in de buurt laat Johan en Veerle toe om op een beperkte oppervlakte (3,5 ha) toch een breed assortiment en grotere aantallen te telen. Johan vertelt dat ze elk jaar met negen boomkwekers uit de regio samen een opendeurdag organiseren. “Daarmee zetten we de boomkwekerijregio Noord-Limburg op de kaart. Ik vind dat sterk. Ons assortiment overlapt hier en daar wel, zodat we in se ook concurrenten zijn. Maar toch doen we dat samen.”

Dat samenwerken doet Johan op nog grotere schaal bij Perennial Power, een Nederlandse stichting met een 70-tal vasteplantenkwekers als lid. Negen jaar geleden is een vijftiental kwekers daarmee gestart, nadat het productschap werd afgeschaft en daardoor ook de verplichte bijdrage voor promotie wegviel. “Die kwekers wilden samen aan promotie doen omdat ze alleen toch een stuk minder power hadden.” Het zijn vooral Nederlandse bedrijven. Momenteel zijn er vier Belgen aangesloten. Sinds twee jaar is Johan ook lid van het bestuur. “Het lidgeld kost ongeveer evenveel als mijn VLAM-bijdrage, 1250 euro. Maar ik krijg bij Perennial Power veel meer terug, omdat de promotie toegespitst is op mijn product. We zijn er ons van bewust dat we als telers niet voldoende achtergrond hebben om goed promotie te voeren. Daarom hebben we IBulb geëngageerd.” IBulb opereert onder Anthos, een Nederlandse organisatie van handelsbedrijven in bloembollen en boomkwekerijproducten. “Dat zijn professionele mensen, die fulltime met promotie bezig zijn. Ze hadden al een groot netwerk van perscontacten ontwikkeld, en daar kunnen wij op meesurfen. Zij schrijven de artikels, maar wij sturen die mee inhoudelijk aan.” Johan toont me de lijst met promotie-activiteiten, die ze gepresenteerd kregen op de recentste vergadering van Perennial Power, best een indrukwekkende mix van persberichten met inhoudelijk goede artikels en mooie foto’s. Deze zijn hoofdzakelijk gericht op de eindklant. 20% van de artikels gaat naar vakpers voor groenvoorziening of openbaar groen. De leden worden op de hoogte gehouden via een nieuwsbrief en verder is Perennial Power zeer actief op Facebook, Instagram, YouTube en Pinterest. “Ik ben lid geworden om samen naar buiten te komen en promotie te maken. Daardoor is mijn netwerk binnen de vasteplantenwereld ook fors uitgebreid. We doen onderling veel handel om ons assortiment aan te vullen. Het assortiment aan vaste planten is zodanig uitgebreid, dat niemand alles kan telen.”

De plantjes in het boek zijn zo gekozen dat ze kinderen ook figuurlijk aanspreken.

Kinderboek als relatiegeschenk

Ik merk op dat een kinderboek uitbrengen toch nog wel een stap verder gaat. Johan bevestigt dat het een oude droom was van voorzitter Jan-Willem Rotteveel. “Mensen beginnen met een tuin, nadat ze een huis gebouwd of gekocht hebben. We zochten een manier om die groep meer te betrekken. Vaak hebben die ook jonge kinderen. Als we dat via de kinderen doen, is dat heel beklijvend. Ik gebruik het zelf als relatiegeschenk voor mijn klanten. Het is een fijn voorleescadeau voor ouders of grootouders.” In het boek vertellen zeven vaste planten aan Babette, Lisa en Maxime wie en wat ze zijn. Alleen kinderen kunnen hen horen. “De plantjes zijn zo gekozen dat ze kinderen ook figuurlijk aanspreken. Agastache, de dropplant, heeft een geur die naar snoep ruikt. Ezelsoor, Stachys, heeft een heel zacht blad. En het is grappig dat de getekende ezelsoor ook een gedeeltelijk omgeplooid blad en dus een ezelsoor heeft. Dergelijke ‘haken en ogen’ maken het extra leuk. Illustrator Liz Meester heeft er een prachtig boek van gemaakt. Weet je dat collega’s de afgebeelde cultivars moeiteloos kunnen herkennen?”

Stessens

We willen de tuinbezitters aanspreken via hun kinderen.