“Ieder werkt aan zijn eigen tempo”

15 december 2021
Wanneer ik aankom op Zorgboerderij Boer Dirk is het er gezellig druk. Zorggasten Thor en Davy verdelen voeder voor de kippen in kleine porties voor dagelijks gebruik, en in een van de serres verzamelen ze, samen met zorgboer Dirk Claessens, groenafval om de kippen bij te voederen. Dat gebeurt allemaal op een rustig tempo en in een ontspannen sfeer. “Ze hebben dat nodig om hier mee te komen helpen. We willen ons toch allemaal nuttig voelen.”

“Toch zijn wij niet enkel een zorgboerderij”, vertelt Dirk. “We zijn een normaal werkend land- en tuinbouwbedrijf, maar de nadruk ligt op de zorg. Vandaar ook de keuze voor onze naam.” Het bedrijf van Dirk is nog relatief jong. “Ik ben hier in 2015 gestart in hoofdberoep, maar ik boerde al 22 jaar hobbymatig. Dat startte al van thuis uit. Mijn vader heeft jaren groenten geteeld in bijberoep, maar in die tijd paste zijn kleinschalige manier van werken niet. Wij, de kinderen, hebben altijd moeten meewerken op het bedrijf, maar dat was zeker geen straf. Toen mijn ouders scheidden is het bedrijf gestopt, maar ik ben wel altijd blijven tuinieren. Zo heb ik een tijdje pony’s gehouden, waarvoor ik ook zelf het voeder voor teelde. Intussen studeerde ik boekhouden en tegelijk werkte ik in de horeca. In 1998 kreeg ik dan de kans om de site hier te kopen. De grond was toen niet zo duur en de infrastructuur was er heel slecht aan toe. Na een job in de logistiek, begon ik ’s nachts distributie te rijden, zodat ik overdag tijd had om op de boerderij te werken. Toen in 2015 het bedrijf waarvoor ik werkte mijn distributieronde opdoekte, zei mijn vrouw: als je het wil proberen, is het nu het moment.”

Buitengewoon onderwijs

Dirk besloot ervoor te gaan. Met een succesvolle flyeractie en een drukbezochte opendeurdag, was zijn bedrijf gelanceerd. “Met de zorg waren we toen al enkele jaren bezig. Davy, die hier nu nog altijd komt, was acht jaar geleden een van onze eerste zorggasten. Een van onze eerste klanten gaf les in het buitengewoon onderwijs, en zij had al eens geïnformeerd of het niet zou lukken om met enkele van haar leerlingen te komen helpen. Maar ik hield de boot wat af. Ik kende die gasten niet, had er geen idee van wat een zorgboerderij precies inhoudt. Maar toen zaten we met een probleem bij het rooien van de aardappelen. De mensen waar we normaal gezien een beroep op deden, konden niet, en de leerkracht bood aan om op haar vrije dag met een van de gasten te komen helpen. Het was die dag net mooi weer, de leerling werkte graag in de tuin. Natuurlijk volgde de vraag: mag hij niet op geregelde basis komen helpen. Hij kwam al snel elke week en het volgende schooljaar stond hier een heel groepje van de school, met een begeleider erbij. Enkele van die gasten die echt geïnteresseerd waren, zijn dan op individuele basis beginnen komen. Er wordt hen aangeleerd om het traject vanuit de voorziening naar de boerderij zelfstandig af te leggen, met de fiets of de belbus. Dat past in hun sociaal-maatschappelijke training, waarmee zelfredzaamheid wordt gestimuleerd. Zo kunnen ze uiteindelijk zelfstandig naar hier komen en op hun eigen tempo meehelpen. Zodra scholen en zorgvoorzieningen weten dat je hiervoor open staat, krijg je geregeld van die vragen. Ik heb intussen zorggasten gehad uit het buitengewoon onderwijs, via een dagcentrum, time-outers via hun school, jongeren uit de jeugdzorg en pleegzorg … Op een week tijd kan dat tot wel 16 gasten oplopen. Sommigen komen in groepjes met een begeleider bij, die moet ik zelf minder nabij opvolgen.”

Eigen hoevewinkel

“Wij zijn met onze teelten volledig gericht op de thuisverkoop en de korte keten, en kiezen bewust voor een heel divers assortiment: aardappelen, prei, kool, ajuin, selder, sla, tomaten, courgettes, pompoenen maar ook specialiteiten zoals droogbonen. Over het jaar verspreid zo’n 70 à 80 verschillende soorten. Daarnaast telen we ook wat kleinfruit zoals aardbeien, frambozen, bramen en meloenen.” In een van de serres toont Dirk me de loefa’s of sponskomkommers. Zoals de naam al zegt, worden die gebruikt als spons. “Wij werken biologisch. Het is belangrijk om constant een rotatie te hebben en andere gewassen te kunnen zetten om de bodemvruchtbaarheid goed te kunnen houden. Wij telen hier vrij veel planten uit de nachtschadefamilie, dus ik was op zoek naar iets anders. Een hele serre vol komkommers was te veel, en toen kwam ik de loefa’s tegen en ben ik dat gaan proberen. De eerste jaren zonder succes, daarna heb ik toch zaad gevonden dat het in ons klimaat goed doet en we hebben nu al enkele jaren een mooie oogst. Die verkopen we, naast onze groenten, in de winkel die woensdagmiddag en zaterdag open is. Onze serres zijn niet verwarmd, ons assortiment verandert dus naargelang de seizoenen. Ik koos er bewust voor om biologisch te werken. Er is bij de consument een groot bewustzijn over wat hij eet. Wij zitten hier in de buitenrand van de stad Aalst. Dicht bij de consumenten dus, en als je hier verkoopt wat de klant wil, komt daar best veel volk op af. Om de mensen op de hoogte te houden van ons aanbod, sturen we elke zondag een mailing uit met het assortiment van de komende week en nieuwtjes over ons bedrijf. Niet alle ontvangers komen elke week wat kopen, maar we bereiken toch veel mensen en er komen nog elke week inschrijvingen bij. Er is hiervoor echt wel interesse bij de consument.”

“We verkopen ook via Boeren&Buren en via een lokaal initiatief: Eigen Bodem. Zo kunnen wij al onze producten aan de man brengen. Voor de veiling en de groothandel zijn wij te klein, met alles samen 4 ha: 2000 vierkante meter koud glas en opkweektafels, enkele hectaren grasland en de rest akkerland dat wij bewerken. Het hooi gaat naar een collega met biologische geiten. De rest van onze gronden wordt bewerkt in teeltrotatie.”

Geen echt personeel

De taken op het bedrijf zijn heel divers, en Dirk bekijkt telkens of en waar hij de zorggasten kan inzetten. “Het is een beetje puzzelen soms. Het zijn geen werknemers, je kan hen niet alles laten doen. Wij zoeken naar taakjes die ze aankunnen, zowel fysiek als verstandelijk. Bijvoorbeeld bij het planten. Wij leggen zelf het gronddoek en maken de gaatjes erin op de juiste plantafstanden. Ook de opkweek doen we volledig zelf. Wanneer de kluitjes met de plantjes dan klaar zijn, kunnen onze gasten die in de gaatjes steken. Ze doen dat op hun eigen tempo, maar ze doen het graag en ze zijn er nuttig mee bezig. Omdat wij veel kleinschalige teelten hebben, doen wij veel manueel werk. Daar zitten altijd wel zaken bij waarmee onze zorggasten kunnen helpen.”

“Het zijn allemaal schatten, echt goeie gasten. Ze hebben elk hun eigenheid en dat is het leuke aan de samenwerking. Als ze met iets niet akkoord zijn, zeggen ze het direct. Ze zijn heel eerlijk en trots op het werk dat ze hier doen. Het brengt ook leven op het bedrijf. En die gasten hebben het ook echt wel nodig om naar hier te komen. Als het vanwege een feestdag of zo eens niet kan, horen we van de ouders dat ze thuis verloren lopen, omdat ze niet naar de boer zijn kunnen gaan. Ze kunnen zich nuttig maken, en we willen ons toch allemaal nuttig voelen. Met de coronacrisis viel dat ook plots weg. Van de ene dag op de andere kwam niemand meer. Toen hebben wij onszelf ook wel eens in de haren gekrabd. Al die kleine werkjes kwamen erbij. Onze zonen hebben toen veel meegeholpen in de serre. En de verkoop in onze hoevewinkel ontplofte. Mensen zaten thuis en mochten nergens naartoe, behalve om essentiële aankopen te doen. Hun bezoek aan de hoevewinkel werd een uitstapje. Natuurlijk weet je dat je niet al die klanten kan behouden, maar er zijn er toch die ons toen hebben leren kennen en nu nog altijd hier komen kopen.”

Familiebedrijf

“Onze oudste zoon zit in zijn eerste jaar agro- en biotechnologie. Qua techniek en mechaniek is hij mijn best mogelijke helper. Nieuwe, moderne machines zijn voor ons niet te betalen. Wij werken met tweedehandsmachines en passen die aan. We ontwikkelen ook zelf en maken kleine machines naar onze eigen noden, met behulp van de zoon. Mijn echtgenote staat in onze hoevewinkel, maakt de bestellingen en verzorgt de marketing, voornamelijk via sociale media.”

“En er zijn nog wel wat uitdagingen. Het klimaat verandert, water wordt schaars. We moeten ook nog grote verbeteringswerken uitvoeren op het bedrijf: een nieuw dak en een grotere wateropvang. Ik wil ook extra zonnepanelen leggen en op zoek gaan naar manieren om energie op te slaan. Ik ben ook in de vzw Vitale Rassen gestapt, om aan selectie en zaadvermeerdering te doen.”   

Vrijblijvend kennismaken met Groene Zorg?

Land- en tuinbouwers die mensen met een beperking of een psychische kwetsbaarheid de kans willen geven om te helpen bij eenvoudige klussen op het bedrijf, kunnen daarvoor terecht bij Steunpunt Groene Zorg vzw. Al meer dan 15 jaar garandeert het steunpunt een veilige overeenkomst die afgestemd is met de diensten van de sociale inspectie. Bovendien is het steunpunt thuis in het netwerk van sociale diensten die willen samenwerken met land- en tuinbouwers. Zij spelen een cruciale rol spelen om jou kwaliteitsvol te ondersteunen en bij te staan. Wij starten met een vrijblijvende kennismaking waarin jijzelf aangeeft met welke doelgroep en hoe intensief (bijvoorbeeld één dag per week) je actief wil zijn in groene zorg. Wij werken op jouw maat en volgens je wensen. En … we begeleiden jou bij de aanvraag van een subsidie bij het Departement Landbouw en Visserij.