Een architect is verplicht om de bouwheer op de EPB-wetgeving te wijzen. Doet je architect dat niet, vraag er dan zelf naar. Valt je bouwproject onder de EPB-wetgeving, dan gelden de volgende verplichtingen:

  • Op de vergunningsaanvraag of het meldingsformulier moet je aanvinken of EPB-eisen van toepassing zijn. Voor gebouwen groter dan 1000 m² moet je uiterlijk één maand na de vergunningsaanvraag een haalbaarheidsstudie indienen via een webformulier.
  • Vooraleer de werken van start gaan, moet je een EPB-verslaggever aanstellen.
  • De EPB-verslaggever dient in naam van de bouwheer voor de start van de werken een startverklaring in.
  • De EPB-verslaggever dient uiterlijk zes maanden na het beëindigen van de werken of datum van ingebruikname en uiterlijk 5 jaar na het verlenen van de omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen een definitieve EPB-aangifte in.
  • Indien de verplichte procedure niet nageleefd wordt, zullen er boetes opgelegd worden. Een bedrijf dat geen startverklaring indient, kan een boete van 250 euro krijgen. Het EPB-verslag niet of laattijdig indienen, levert een boete op van 1000 euro, met daarbovenop een boete van 1 euro per m³ nieuwbouw en 10 euro per dag dat de aangifte niet werd ingediend, maar met een maximum van 10.000 euro. Ook wie een boete betaald heeft, moet nog een EPB-verslag indienen.
  • Ook indien de EPB-eisen zelf niet werden nageleefd, krijg je een boete opgelegd.
  • De boete is hoger naarmate de overtreding ernstiger is. In dat geval hoeft de bouwheer zich niet meer in orde te stellen met de EPB-eisen.