Na verschillende studies besliste de Vlaamse regering in 2013 om, voor een betere doorstroming van de R0, verder in te zetten op de infrastructuurvariant met parallelstructuur waarbij Laerbeekbos (Europees Natura 2000-gebied) ontzien wordt.

De huidige inrichting van de ring wordt gekenmerkt door een veelheid aan op- en afritten en de aanwezigheid van doorgaand en lokaal verkeer. Dit resulteert in gevaarlijke bewegingen en files. Daarom wordt de ring heringericht met hoofd- en parallelbanen. De hoofdbanen passeren slechts enkele verkeerswisselaars en zijn dus voorbehouden voor het doorgaand verkeer. De parallelbanen dienen voor het lokale verkeer, dat wel alle op- en afritten kan gebruiken. In een eerste fase wordt het noordoostelijke deel van de ring aangepakt, tussen de verkeerswisselaar Groot-Bijgaarden en Sint- Stevens-Woluwe. De werkvennootschap werd door de Vlaamse regering aangesteld om het verdere traject te coördineren.