Menu

Europa bereidt zich voor op een uitputtingsslag

Terug naar Actualiteit
Sector: 
Regio: 

De vaststelling van een nieuw meerjarig financieel kader (MFK) (2021-2027) wordt weer een lange strijd. Dat is duidelijk gebleken op de informele bijeenkomst van de Europese staatshoofden en regeringsleiders in Brussel. De Europese Raad kwam bijeen zonder de Britten, want die hebben besloten om in 2019 de EU te verlaten.

Ook de vastlegging van het meerjarig financieel kader voor 2014-2020 had veel voeten in de aarde. Uiteindelijk werd gemarchandeerd, om tot een nachtelijk akkoord te komen. Een MFK heeft het voordeel dat de strijd om de begroting niet elk jaar gevoerd hoeft te worden. Het legt de grote lijnen van de uitgaven en inkomsten voor meerdere jaren vast. Het biedt kansen om een beleid op langere termijn te voeren, maar ook om na een welbepaalde periode – in het geval van Europa na zeven jaar – het beleid te herzien en nieuwe prioriteiten te stellen.

De Europese Raad was het vorige week snel eens om defensie, opvang van migratie en Erasmus+ (het uitwisselingsprogramma voor Europese studenten) als prioriteiten voor het komende MFK naar voren te schuiven. Sommige lidstaten voegden er weliswaar aan toe dat dit moet gebeuren met respect voor het Europese landbouwbeleid en het Europese cohesiebeleid of regionaal beleid, die elk met bijna 40% het leeuwendeel van de Europese begroting uitmaken. Zij zijn tot nog toe ook een Europese prioriteit! Hiermee werd duidelijk gesteld dat de EU over meer middelen moet beschikken. De brexit slaat een jaarlijks gat van 12 miljard euro in de Europese begroting en dat gat moet minstens gedicht worden. Maar als de EU meer wil doen dan vandaag, zal dit niet volstaan. Intussen hebben 15 lidstaten gemeld dat ze onder bepaalde omstandigheden bereid zijn om hun lidmaatschap van 1% van het bnp te verhogen. Die welbepaalde omstandigheden hebben bij de meeste te maken met een heroverweging van prioriteiten en een bijsturing van het bestaande beleid, waaronder het GLB. Nederland, Denemarken, Oostenrijk en Zweden daarentegen willen niet weten van een verhoging van hun bijdrage. De vier worden ook wel de Daltons genoemd, waarbij Oostenrijk de plaats van het Verenigd Koninkrijk (VK) heeft ingenomen. Andere landen, waaronder België, houden hun antwoord in beraad en hebben het alleen over efficiëntie van het bestaande beleid. We zijn zo’n houding van België niet gewoon, want ons land is steeds een voorloper geweest op Europees vlak. Maar ook in ons land is het politieke landschap gewijzigd en dat kan nog verder wijzigen dit jaar en volgend jaar.

Wat komt er op ons af?

De weg voor het nieuwe MFK is nog lang. In mei worden concrete voorstellen verwacht. Wanneer de onderhandelingen een jaar zouden aanslepen, komen ze in het vaarwater van verkiezingen. In maart 2019 stapt het VK uit de EU en in mei 2019 vinden er Europese verkiezingen plaats. In het najaar treedt ook een nieuwe Europese Commissie aan. In feite zou alles begin 2019 rond moeten zijn. Mogelijk wordt er al gemarchandeerd met de zitjes van het Europees Parlement. Dat is nodig vooraleer er Europese verkiezingen zijn. Wanneer het van het Europees Parlement zelf afhangt, worden 27 van de 73 zetels van het VK herverdeeld onder 14 landen die zich ondervertegenwoordigd voelen. De overige 46 worden in de reserve geplaatst voor nieuwe lidstaten. Nederland aast op 3 bijkomende zetels. Het is geweten dat dergelijke beslissingen pas vallen wanneer de hele puzzel gelegd is. En in die puzzel zit, als naar gewoonte, de landbouwbegroting verstrikt.

Deel deze pagina: