Menu

Een zuivelmarkt in beweging

Terug naar Actualiteit
Sector: 
Wereldwijd is de consumptie van melk en zuivelproducten nog steeds in opmars. Dat is sinds kort ook het geval voor alternatieve zuivelproducten van plantaardige oorsprong, voor zover je ze ‘zuivelproducten’ kan of mag noemen. Zuivelvervangers is een betere omschrijving, naar analogie met vleesvervangers. De marketing van beide vervangers is gelijkaardig en niet nieuw.

Jacques Van Outryve / Illustratie: Joris Snaet

Het verhaal doet ons terugdenken aan de jaren 70 en 80 van vorige eeuw, toen boter op de markt moest optornen tegen margarine van plantaardige oorsprong. We brengen hier geen klassiek overzicht, maar het resultaat van een wereldwijde enquête van Cargill over het koopgedrag van consumenten inzake melk en zuivelproducten, en hun alternatieven. Als handelaar in landbouwgrondstoffen, maar ook als producent van ingrediënten voor voedingsmiddelen, is Cargill betrokken bij de productie van zuivelproducten zowel als zuivelvervangende producten.

De enquête was beperkt maar wereldwijd. Ze legt een aantal trends bloot die ons niet onberoerd laten. De zuivelmarkt is in beweging. Er zijn kapers op de kust! Eens werd zuivel geroemd als een onmisbaar onderdeel van een evenwichtig dieet in meerdere eetculturen. Nu is het verbruik van bepaalde zuivelproducten in enkele vooraanstaande zuivelconsumptielanden gedaald. Dat is het gevolg van bekommernissen omtrent allergieën (lactose-intolerantie, verteringsproblemen), het gebruik van hormonen (boviene somatotropine - BST in de VS) en antibiotica, veronderstelde gezondheidsproblemen, de aanwezigheid van verzadigde vetten, dierenwelzijn, klimaat, water- en landgebruik … en de veroudering van de bevolking, want we weten dat ouderen minder zuivelproducten consumeren.

Meteen is duidelijk dat vandaag andere en ook meer factoren meespelen dan bij de opkomst van de margarine vorige eeuw. Toen ging het voornamelijk om het gezondheidsaspect en de prijs. Het gezondheidsaspect werd later weerlegd; het prijsverschil is gebleven. Inmiddels is de maatschappij veranderd, de sociale media werden geïntroduceerd en ook het koopgedrag heeft zich hieraan aangepast. Het koopgedrag wijzigde als gevolg van diversificatie en innovatie in de voedingssector en nieuwe keuzemogelijkheden. Argumenten als smaak, textuur, de aanwezigheid van ggo’s, de nutritionele waarde, het aantal en de aard van de ingrediënten (clean label) of transparantie spelen een bijzondere rol.

Het koopgedrag wijzigt door nieuwe keuzemogelijkheden.


Koopgedrag in beeld

In de Verenigde Staten (VS) blijft het verbruik van zuivelproducten op een hoog peil. Voor twee derde van de ondervraagden maken zuivelproducten regelmatig deel uit van hun dieet. De helft van hen koopt zowel zuivelproducten als zuivelvervangers. Slechts 1 op de 10 mijdt echte zuivelproducten. Veruit de belangrijkste reden om te kiezen voor zuivelproducten is de smaak. Amerikanen gaan er ook van uit dat zuivelproducten minder ingrediënten bevatten en er dus minder additieven op het etiket staan (clean label) dan bij zuivelvervangers.

De belangrijkste reden om zuivelproducten te mijden en te kiezen voor zuivelvervangers is lactose-intolerantie (35%), gevolgd door andere gevoeligheden of allergieën voor zuivelproducten (28%), de mogelijke aanwezigheid van groeihormonen (24%), de aanwezigheid van verzadigde vetten (24%) en het kleinere verbruik van echte zuivelproducten met de leeftijd (23%). Pas dan volgen dierenwelzijn (20%) en de mogelijke aanwezigheid van antibiotica (18%). Milieu- en klimaatredenen scoren in de VS het laagst (15%). Opgelet, dat zijn Amerikaanse gegevens, maar meermaals is gebleken dat zuiveltrends in de VS uiteindelijk naar Europa overwaaien. Denk aan de heropleving van de boterconsumptie. Noteer dat vrouwen meer zuivelvervangers kopen dan mannen en dat echte zuivelproducten opvallend meer gekocht worden door kopers tussen 35 en 54 jaar. Echte zuivel is minder in trek bij een jonger én een ouder publiek. In de VS zijn zuivelvervangers op basis van amandelen (almonds) het belangrijkste alternatief, op afstand gevolgd door producten op basis van kokosnoot en van soja. In West-Europa daarentegen scoort soja het hoogst als grondstof voor alternatieve yoghurt, drinks of ijs, maar ook hier wordt het aanbod uitgebreider.

Europeanen houden vast aan hun zuiveltraditie maar experimenteren met alternatieve zuivelproducten, waardoor de Europese zuivelmarkt in een transitiefase zit. Het experimenteren houdt meestal verband met echte of vermeende gezondheidsredenen. Ook in Europa komt het volledig mijden van zuivelproducten nog maar weinig voor. Een meerderheid koopt beide, zowel zuivelproducten als zuivelvervangers. Van de ondervraagden zei 22% dat ze alternatieven geprobeerd hebben maar niet lekker vonden; 23% heeft er nog geen geproefd. De reden? De prijs is de beperkende factor, want alternatieve producten zijn duurder dan het origineel (roomijs, yoghurt, al dan niet gearomatiseerde drinkmelk). Europeanen hechten veel belang aan de nutritionele samenstelling en gaan het aantal en de aard van ingrediënten na. Ze vermijden ggo’s en ingrediënten met een benaming die scheikundig klinkt (chemical-sounding ingredients).

In Azië en het gebied rond de Stille Oceaan (Pacific) wordt de trend bepaald door verstedelijking en moderne infrastructuur (koude-keten), waardoor verse zuivelproducten steeds beter beschikbaar worden. Het zuivelverbruik gaat er in sterk stijgende lijn. Van de Chinese ondervraagden antwoordde 79% dat ze zelfs meer willen betalen voor zuivelproducten omdat die gezonder zijn. Zowel China als Indonesië is een groeimarkt voor zuivelproducten en voor zuivelvervangers. In Latijns-Amerika, ten slotte, zal de markt voor zuivelproducten pas de komende jaren tot volle wasdom komen. Alle ogen zijn gericht op Brazilië als grootste zuivelmarkt in de regio.

Dezelfde verwachtingen inlossen

Zuivelproducten hebben wereldwijd een goed en gezond imago. In de meeste regio’s zijn consumenten eraan verknocht. De wereldmarkt stijgt nog steeds gestaag met 2,5% per jaar. Alternatieve zuivelproducten profiteren daar mee van en veroveren hun plaats op de markt. Het zijn blijvers, die in toenemende mate geaccepteerd en omarmd worden door de consument. Sinds de komst van de eerste sojadrinks is het assortiment uitgebreid met producten van andere plantaardige grondstoffen zoals fruit, granen (haver en rijst), allerhande noten, zaden en leguminosen. Milieu, dierenwelzijn en klimaat spelen een nieuwe belangrijke rol bij de opmars van deze producten, naast de nutritionele en gezondheidsaspecten. Ze worden ook als zodanig gepositioneerd. De consumenten, op hun beurt, gaan op zoek naar transparantie en een clean label, met andere woorden naar zo min mogelijk ingrediënten en additieven en minder toegevoegde suikers. Ze zijn tegelijk op zoek naar producten die passen bij hun hectische levensstijl en gemakkelijk altijd en overal geconsumeerd kunnen worden. Van de zuivelvervangers wordt tot slot verwacht dat ze precies dezelfde verwachtingen inlossen als de echte zuivelproducten wat hun beleving betreft. Denk hierbij aan kleur, smaak en textuur. Bewuste consumenten willen bovendien dat duidelijk vermeld is dat de vervangers ‘geen zuivel’ bevatten, ook al wordt verwacht dat ze dezelfde beleving bieden als zuivelproducten. “Dat is perfect mogelijk”, zegt Cargill, als producent van de benodigde (natuurlijke) ingrediënten. Noteer dat vleesvervangers een gelijkaardige betrachting hebben tegenover vlees. Het verhaal is identiek.

En Boerenbond?

“Melk en zuivelproducten blijven een essentieel onderdeel van ons voedingspatroon. Wereldwijd neemt de zuivelconsumptie toe. De groei vindt voornamelijk plaats in Azië, Afrika en de Latijns-Amerikaanse groeilanden”, zegt Roel Vaes, adviseur Rundvee op de Studiedienst van Boerenbond. Hij vervolgt met de keerzijde: “In Europa vindt een omgekeerde beweging plaats, vooral wat de klassieke drinkmelk betreft. In België is het globaal (thuis)verbruik van zuivelproducten de voorbije 5 jaar gedaald met 8%, het verbruik van consumptiemelk zelfs met 11% (bron GfK). Nagenoeg iedereen koopt en consumeert nog wel zuivelproducten, maar minder frequent dan voorheen.” Roel Vaes vernoemt hiervoor de redenen die we bevestigd zien in de Cargillstudie.

Wat met de alternatieven? “De GfK-cijfers tonen aan dat het verbruik van alternatieve drinks in België de jongste jaren relatief stabiel gebleven is. Iets meer dan de helft van de consumenten koopt minstens eenmaal alternatieve zuivelproducten. Gedurende meerdere jaren bestonden de alternatieve zuiveldrinks in ons land vooral uit sojadrinks en rijstdrinks, maar ook hier duiken steeds meer alternatieven op, zoals kokos- of amandeldrinks.”

Origineel of alternatief

Roel Vaes, adviseur Rundvee Studiedienst Boerenbond: "Om deze producten in de markt te zetten, spreken de producenten al te graag van sojamelk of rijstmelk, maar nutrioneel kunnen ze veelal niet concurreren met echte melk en zuivelproducten. Uiteindelijk heeft het Europees Hof van Justitie beslist dat de term ‘melk’ voor deze producten misleidend is, waardoor ze wettelijk gezien ook geen melk genoemd mogen worden. Dat was een belangrijke overwinning voor de zuivelsector. Niet alleen voor zuivelvervangers, maar ook voor vleesvervangers, zoals ‘veggieburgers’, tracht men de naam van het origineel in te palmen. Boerenbond wil dat ook dit door Europa verboden wordt.

Tot slot zijn echte zuivelproducten vooral ook lekker. Dat blijkt trouwens uit de wereldwijde enquête van consumenten in de Cargillstudie. In heel wat landen geven consumenten aan dat ze de smaak van echte zuivelproducten verkiezen boven die van plantaardige alternatieven. Zoals zo vaak is het origineel beter dan de kopie. Er is ook niets mis mee om ervan te genieten!"

Deel deze pagina: 

Meer informatie

Sector: