Menu

Een goede kwaliteit, tegen een faire prijs

Terug naar Actualiteit
Sector: 
“We zitten met onze sector op een kantelpunt”, meent Luc Borgugnons. “Er staan belangrijke dingen te gebeuren.” De perenteler uit Kersbeek-Miskom is nu een jaar voorzitter van de sectorvakgroep Fruit. Samen met secretaris Pieter Timmermans geeft hij toelichting bij de beleidsprioriteiten van de vakgroep.

Liesbet Corthout

“Het belangrijkste is een goede prijs voor goede kwaliteit. Daar staat of valt het ondernemerschap van de fruitteler mee", stelt Luc Borgugnons, voorzitter van de sectorvakgroep Fruit van Boerenbond.

Het eerste actiepunt is kwaliteit. Hoe kunnen onze fruittelers zich onderscheiden?

Luc: “Wij zijn voor een duurzaam fruitbeleid. Om dat te kunnen realiseren, moeten we inzetten op kwaliteit, want die is de basis voor een duurzame handel. De fruitsector zit momenteel in een crisis, onder meer omdat de kwaliteit die we aanleveren niet constant genoeg is. Willen we uit die crisis, dan moeten we hieraan werken. Wij streven naar een objectieve kwaliteitsbepaling doorheen de keten, met daaraan gekoppeld een faire prijs.”

Hoe doen jullie dat?

Luc: “Al twee jaar zijn we aan de slag met kwaliteitsparameters in een kwaliteitsoverleggroep. Iedereen, uit de hele keten, is van harte welkom rond de tafel. We streven ernaar om alle neuzen in dezelfde richting te krijgen. Momenteel zitten de vakgroep, de retail en de exporteurs rond tafel. Ik ben wel teleurgesteld dat de coöperaties weigerachtig blijven om deel uit te maken van dit kwaliteitsproject, want het is belangrijk dat we met alle actoren fruit met een goede basiskwaliteit kunnen verzekeren. Die kwaliteit is niet alleen een doel, maar vooral een middel om tot financieel gezondere bedrijven te komen, aangezien exporteurs en retail zich engageren om er een faire prijs aan te koppelen.”

Jullie willen dat objectiveren via een label. Hoe kan zo’n label helpen?

Luc: “Het label moet een garantie zijn voor basiskwaliteit van bij ons. Voor de verkoop in eigen land zal het label ons product herkenbaar maken als binnenlands fruit. Voor de buitenlandse koper moet het label symbool staan voor een product met een goede basiskwaliteit. Wanneer we hier als volledige sector achter staan, kan dat. Heel belangrijk is dat de kwaliteitsbewaking objectief en onafhankelijk gebeurt, met meetbare parameters, zodat geen discussie mogelijk is.”

Pieter: “We gaan niet voor nieuwe standaarden, want de bestaande standaarden zijn goed. We gaan wel voor een correcte naleving doorheen de hele keten.”

Het tweede actiepunt is klimaat. Welke klimatologische risico’s willen jullie in eerste instantie aanpakken?

Luc: “De vakgroep is altijd van mening geweest dat hagel prioriteit moet krijgen. Hagel treft een fruitteler lokaal en bedrijfsgebonden. Andere problemen, zoals nachtvorst, treffen over het algemeen een grote regio en hebben meestal een invloed op de prijsvorming. Al sinds de Pukkelpopstorm in 2011 is een weersverzekering die betaalbaar is voor iedereen een strijdpunt van de sectorvakgroep. Met de brede weersverzekering die nu voorligt, hebben we na veel aandringen dat doel kunnen bereiken.”

De vakgroep gaat oogstprotectiesystemen in kaart brengen.

Luc: “Een verzekering blijft een pleister op de wonde. Voorkomen is nog altijd beter dan  genezen. Daarom willen we via onderzoek blijven focussen op oogstprotectie, zoals hagelnetten, nachtvorstbestrijding, irrigatie of windschermen.”

Pieter: “Als je fruit verhageld is, heeft dat een gigantische impact op je bedrijf. Maar hagelnetten vergen een zware investering. Om dat te kunnen doen, moet je wel eerst goed verdienen. En zo komen we weer bij de faire prijs.”

Luc: “Ondernemerschap moet beloond worden. Telers moeten getriggerd worden om te investeren in hun bedrijf en dat kan mits ze voldoende financiële middelen hebben. Ik voel aan de retail en exporteurs dat ze een meerprijs willen betalen voor een kwalitatief goed product. En zo is de cirkel rond.”

Actiepunt drie is imago. Hier staat de fruitsector al ver.

Luc: “Met ons imago zit het vrij goed. De fruitstreek is een toeristische trekpleister en we telen een lekker en gezond product. Fruit en groenten zijn de enige sectoren waarvan Europa bij de GMO-doelstellingen meegeeft dat het de consumptie wil verhogen. Voor de fruitteelt is er voldoende maatschappelijk draagvlak.”

Pieter: “Europa heeft een van de strengste gewasbeschermingsnormen in de wereld en het FAVV controleert fruittelers streng op hygiëne, het gebruik van sproeistoffen, aandacht voor de omringende natuur … Als sector kunnen we nog meer communiceren over de betrouwbaarheid van ons fruit en de goede initiatieven die de fruittelers daarvoor ondernemen.”

Jullie halen gewasbeschermingsmiddelen aan. Die zijn een heikel punt?

Luc: “Gewasbeschermingsmiddelen in de fruitteelt zijn voor mij wat mest is in de veeteelt. Als er iets is waarop we commentaar krijgen, is het dat. Om op een positieve manier te blijven werken en het maatschappelijk draagvlak niet te verliezen, moeten we hier zorgvuldig mee omgaan. Elke fruitteler draagt verantwoordelijkheid. Wie onzorgvuldig omspringt met gewasbeschermingsmiddelen is een risico voor de sector.”

De fytolicentie is belangrijk?

Luc: “Wij zijn voorstander van de fytolicentie, hoewel de manier waarop die behaald kan worden wel wat vragen oproept. Gewasbeschermingsmiddelen hebben een enorme toegevoegde waarde in de fruitteelt en we moeten er doordacht mee omgaan. Van de industrie verwachten we dat ze inzet op gebruiksvriendelijke verpakkingen. Overigens blijft puntvervuiling een werkpunt. De sectorvakgroep wil samen met de industrie en de overheid bekijken hoe we hieraan kunnen werken.”

Hoe belangrijk is innovatie?

Luc: “Onderzoek en ontwikkeling zijn essentieel voor een duurzame sector. Daarom willen we bekijken hoe we hier meer middelen voor kunnen reserveren. Het is belangrijk dat iedere teler bijdraagt, via een hectareheffing bijvoorbeeld. We zouden graag in debat gaan met pcfruit en de overheid. De basisfinanciering van het proefcentrum moet breder, dan kan het flexibeler inspelen op de noden van de sector, op langere termijn in plaats van projectgebonden. Als iedereen een basisbijdrage betaalt, moet de informatie uit het onderzoek natuurlijk ook voor alle telers beschikbaar zijn.”

Op welke domeinen is onderzoek nodig?

Luc: “Onderzoek naar ziekten en plagen is belangrijk. Verder moet ook rassenonderzoek gebeuren, zodat we kunnen evolueren naar nieuwe rassen die beter resistent zijn. Op korte termijn staat precisielandbouw hoog op de agenda. Het verzamelen, opslaan, verwerken en gebruiken van data is een belangrijk punt. Ik haal een voorbeeld aan uit het buitenland. Als je weet hoeveel vruchten er hangen op een hectare, weet je of je eventueel moet dunnen en kan je je oogst goed bepalen. Het zou toch fantastisch zijn als je vooraf weet hoe lang je hoeveel fruit moet plukken. Dat heeft ook een positief effect op de kwaliteit van het fruit, omdat je ervoor kunt zorgen dat de nodige arbeidskrachten aanwezig zijn net op het moment dat er geplukt moet worden.”

Vormt die arbeidsplanning een groot probleem?

Luc: “Arbeid is ons belangrijkste actiepunt. Het is de grootste kostenpost op een fruitbedrijf. We hebben mensen nodig om fruit te telen. We kunnen dat niet alleen. Heel typerend voor onze sector is dat we vooral medewerkers nodig hebben op piekmomenten. Het huidige systeem van de seizoenarbeid is cruciaal. Wij zijn daar tevreden mee. Maar het is de laatste jaren moeilijker om de arbeidsbehoefte ingevuld te krijgen. Een uitbreiding van de 65 dagenregeling is wenselijk. Mensen van buiten de Europese Unie kunnen inzetten zou ook een positief signaal zijn.”

Wat is, samengevat, jouw grootste bekommernis? En waar ben je het meest trots op?

Luc: “De prijsvorming in de fruitsector staat echt onder druk. We moeten streven naar een betere kwaliteit voor een betere prijs. Daarbij moeten we ook de verkoopsystemen in vraag durven stellen en dat kan alleen door samenwerking met alle actoren in de sector.

Als voorzitter van de sectorvakgroep ben ik blij met de mix van jong en minder jong en het grote engagement van alle vakgroepleden. Als teler ben ik ervan overtuigd dat een mooie toekomst voor de fruitteeltsector mogelijk is, als we de neuzen van alle actoren in dezelfde richting krijgen.”

Topprioriteiten vakgroep Fruit

  • Streven naar kwaliteit als antwoord op de wijzigende markt/keten
  • Het inkomen stabiliseren door klimatologische risico’s beter in te dekken
  • Met een positief en duurzaam imago markttoegang creëren
  • Gewasbeschermingsmiddelen veiligstellen door ze oordeelkundig in te zetten
  • Nadenken over de financiering van onderzoek naar kwaliteit en differentiatie
  • Betaalbare en beschikbare arbeidskrachten verzekeren
Deel deze pagina: 

Meer informatie

Sector: