Menu

Terug naar Actualiteit >Demodag managementsystemen en elektronische identificatie


Om in de varkenshouderij het verschil te maken zijn data van onschatbare waarde. Het Proef- en Vormingscentrum voor de Landbouw (PVL) in Bocholt en Inagro organiseerden enkele demodagen om dieper in te gaan op de mogelijkheden van managementsystemen voor dataverzameling.

De prestaties van je varkensbedrijf verbeteren is een mooie doelstelling, maar hoe verzamel en manage je alle data die nodig zijn om deze prestaties te meten? Vandaag zijn er al heel wat systemen op de markt en veel varkenshouders gebruiken deze ook op regelmatige basis om gegevens te structureren. Hoewel ze heel interessante toepassingen hebben zijn systemen om dieren individueel van geboorte tot slacht op te volgen nog niet zo sterk ingeburgerd. Denk maar aan de gegevens van de zeug die in de stal per smartphone of reader gescand worden en gekoppeld kunnen worden aan de prestaties van haar biggen. Op die manier kan elektronische identificatie ervoor zorgen dat je heel wat meer te weten komt over je bedrijfseigen prestaties en er veel meer linken kunnen worden gelegd. Het systeem werkt zowel voor zeugen als voor biggen en vleesvarkens en geeft je dus een mooi totaalbeeld.

Mogelijkheden ontdekken

Een eerste demodag vond plaats bij Inagro in Roeselare, een tweede op het Proef- en Vormingscentrum voor de Landbouw (PVL) in Bocholt. Hier werd eerst een algemene toelichting gegeven bij de techniek en de werking van individuele dieropvolging en daarna toonden verschillende bedrijven hun mogelijkheden voor managementsystemen en dataverzameling. Deze demodag had het doel om varkenshouders inzicht te geven in de mogelijkheden die vandaag commercieel beschikbaar zijn om je bedrijfspotentieel maximaal te benutten. Sander Palmans van het PVL verwelkomde de aanwezigen en lichtte het project ‘Met elektronische identificatie naar individuele dieropvolging in de varkenshouderij’ toe.

Verregaand inzicht

Het project dat PVL samen met VPF, Vives, ILVO, Inagro en UGent en met steun van Europa uit de grond stampte, heeft als doel landbouwers vertrouwd te maken met elektronische identificatie. Het loopt vandaag al op een aantal proefbedrijven. Het is echter de bedoeling om ook in praktijkbedrijven van start te gaan om de werking in een meer realistische setting te testen. “Het belangrijkste voordeel is dat je de selectiemogelijkheden op je bedrijf kan uitbreiden”, vertelt Sander Palmans. “In plaats van de beslissing om een zeug te selecteren of op te ruimen enkel te laten afhangen van de prestaties in de kraamstal, kan men veel verder gaan.” Zo kan er per individueel vleesvarken gekeken worden naar de dagelijkse groei, het antibioticagebruik en de uiteindelijke slachtkwaliteit. Dit managementsysteem kan je dus informatie bezorgen over het aantal kilo’s vlees dat haar biggen in het slachthuis opbrengen. Enkele mogelijke selectiecriteria voor zeugen op basis van de nakomelingen zijn vleespercentage, conformatie, dagelijkse groei, voederconversie, medicatie en uitval. Zo kan zeug A wel een hoger productiegetal hebben dan zeug B, maar dat wordt niet altijd weerspiegeld in bijvoorbeeld het aantal kilo varkensvlees per zeug. Het is dan aan de varkenshouder om te selecteren op de parameters die voor zijn bedrijf het meest relevant zijn. Ook de beerkeuze kan beter afgestemd worden op de sterke en zwakke punten van de betreffende zeug.

Omzetten naar de praktijk

Voor de toepassing op praktijkbedrijven wordt er gewerkt met vier cases. Dagelijkse groei (minstens vijf bedrijven), slachtkwaliteit (minstens vijf bedrijven), voederconversie (minstens twee bedrijven) en een nog te bepalen vierde case zal worden bekeken. De deelnemende bedrijven moeten al met een basismanagementprogramma werken en bereid zijn om bedrijfsgegevens te delen met de onderzoekers. De vleesvarkens moeten afgeleverd worden in een slachthuis dat werkt met een reader die de elektronische oornummers kan lezen. Daarnaast moet de bedrijfsleider natuurlijk ook interesse hebben in nieuwe technologie en zin hebben om te werken aan vooruitgang. Concreet kan de reader de volgende parameters registeren: moeder/vader, geslacht, medicatie (met de reden van toediening), gewicht, hok, werknummer, verplaatsingen, uitval/sterfte (met de reden). In dit project werd er gewerkt met een UHF (ultra hoge frequentie) elektronische oornummers en een draagbare reader. Er werd gekozen voor dit systeem omdat het de goedkoopste technologie is, de nummers van op grote afstand inleesbaar zijn en het systeem flexibel is.

Noodzakelijke investeringen

De bedrijven die aanwezig waren om hun producten en diensten voor te stellen waren Agrovision, Agromedi, Isagri, Schippers en AgriSyst. De aanwezigen konden vragen stellen over de praktische werking, mogelijkheden en het kostenplaatje van de verschillende toepassingen. Met de UHF Handy Reader van Schippers bijvoorbeeld kom je al een heel eind wat gegevensinvoer betreft. Een reader kan je enkel leasen. De kostprijs bedraagt 40 euro per maand (25 euro voor de reader en 15 euro voor het laadstation). Maar ook je eigen smartphone kan (mits hij voldoende uitgerust is) fungeren als reader. Een toepassing daarvan is het ‘Pig’Up’-systeem van Isagri. Voor welk systeem je ook kiest, je dieren voorzien van een elektronisch oormerk is uiteraard een must. Deze bestaan in verschillende prijsklassen (van 45 eurocent tot 3 euro). Over het algemeen blijken deze goed te blijven zitten in het oor, tenzij het dier zijn oornummer voorheen al eens kwijtraakte. Of werken met elektronische oormerken en een reader voor jouw bedrijf een goede keuze is kan je zelf uitzoeken of je laten adviseren. Zeker is wel dat het een goede piste is voor wie een beter zicht wil krijgen op de productie en in kaart wil brengen waar het nog beter kan. Optimaliseren kan immers alleen wanneer je alle informatie in handen hebt.