Dirk Boeren

“De jongeren moeten onze groentesector kunnen voortzetten”

27 juli 2022

Als gewezen moestuiniers specialiseerden Dirk Boeren en Els Debacker zich in de teelt van drie alternatieve slasoorten. Dirk is heel actief op syndicaal en sociaal vlak. Zo is hij naast voorzitter van de provinciale vakgroep Groenten Oost-Vlaanderen en bestuurslid van de sectorvakgroep Groenten onder meer ook voorzitter van de plaatselijke Landelijke Gilde Deurle-Latem. Hij pleit voor meer kansen voor de jongeren. “De overheid moet luisteren naar de tuinders en van daaruit een goed beleid voeren, zo niet dreigt onze sector stilaan dood te bloeden.”

Dirk en Els zijn niet uit de tuinbouw afkomstig, maar vanuit hun hobby – ze hadden allebei een grote moestuin – groeiden ze naar hun huidige bedrijf. “Aanvankelijk teelden we alle soorten groenten: peterselie, bloemkool, prei, lente-uien … Door professioneler te gaan werken, groeiden we steeds meer naar de alternatieve slasoorten, die we van bij de start van ons bedrijf in 1987 al teelden”, vertelt Dirk. “We wilden een alternatief voor de gewone kropsla bieden en waren hier in de streek een van de eerste telers die met alternatieve slasoorten gestart zijn. Dat was toen een opportuniteit in de markt.”

Sla telen van april tot november

Dirk en Els oogsten nu zo’n 350.000 stuks sla per jaar op hun bedrijf van 4 ha. In volume is lollo rossa hun grootste teelt, gevolgd door rode eikenbladsla en lollo bionda. Afhankelijk van het seizoen duurt een teelt vier (in de zomer) tot tien weken (in het voor- en najaar). Dirk en Els leveren hun sla via veiling BelOrta aan de horeca, groothandels en versnijderijen. “Op vraag van de klant telen we ook groene eikenbladsla, Romeinse sla en de nieuwe salanovatypes”, zegt Dirk. “We telen enkel in de openlucht en kunnen zo sla aanbieden van eind april tot begin november. Daarna brengen we ons materiaal in orde en gaan we met vakantie. Van half december tot eind februari telen we dan prei. De combinatie sla-prei bevalt ons.” Zoon Jan begon op zijn zesde al pompoenen te telen, momenteel doet hij dat op 30 a.

Dirk Boeren
Dirk Boeren
Overdreven administratie

Jan stapte in 2011 mee in het bedrijf. “De EHEC-crisis teisterde toen de sector en er viel niets te verdienen”, herinnert Dirk zich. “Omdat ik Jan geen loon kon uitbetalen, zocht hij naar een alternatief. Hij werkt nu halftijds in de tuinaanleg en halftijds op ons bedrijf als zelfstandig helper. Bij het planten en oogsten werken we altijd met ons drieën samen, zonder andere medewerkers of seizoenarbeiders. Dat is een bewuste keuze; we produceren wat we aankunnen en willen ook nog wat van het leven genieten.”

Dirk breekt een lans voor voldoende instroom in de sector. “De jongeren die onze bedrijven willen voortzetten moeten alle kansen krijgen. Ze worden beconcurreerd door eigenaars die grond opkopen voor andere doeleinden dan land- of tuinbouw. Bovendien is de vaak overdreven administratie een van de grootste struikelblokken voor jongeren om een bedrijf over te nemen. Om onze gewasbescherming te registreren, gebruiken we het Care4Growing-platform van de veilingen. Dat systeem zou moeten volstaan, zodat we niet bijkomend bij de Mestbank of extern onze gebruikte sproeistoffen nog eens moeten registreren. Uiteraard mag er controle zijn, maar die zou alles moeten omvatten. Veel collega’s zijn bang voor sancties en boetes, dat fnuikt het ondernemerschap.

Op ons bedrijf zijn we vooral alert voor valse meeldauw, bladluizen, rupsen en onkruid. Onze bodem heeft een vrij goed koolstofcijfer dankzij de inzet van stalmest en groencompost en het inzaaien van vanggewassen. We vangen zo veel mogelijk regenwater op in een bassin van 500.000 liter en beregenen met een ondergronds beregeningssysteem én bovengrondse buizen.

De overdreven regelgeving fnuikt veel tuinders in hun ondernemingszin.

Dirk Boeren

Zorg dragen voor de basis

Dirk is voorzitter van de provinciale vakgroep Groenten Oost-Vlaanderen en bestuurslid van de sectorvakgroep Groenten. “In 1987, toen ik 21 was, vroegen de toenmalige voorzitter en secretaris van de intussen opgeheven studiekring Gent-Eeklo-Oudenaarde me om mee in het bestuur te komen. Vanuit de studiekring werd ik gevraagd om lid te worden van de provinciale vakgroep, waarvan ik in 2011 voorzitter werd. Twee jaar later werd ik dan bestuurslid van de sectorvakgroep. Daar heb ik nog geen spijt van gehad, want ik krijg er de meest accurate info over wetgeving en actuele zaken uit de eerste hand. Ook het contact met collega’s uit andere provincies is verruimend. De tuinders zijn de basis van onze sector, daar moet je zorg voor dragen. Eventuele problemen zoals de overdreven administratie kaart ik aan op de sectorvakgroep, en daar wordt toch wel rekening mee gehouden. De overheid moet luisteren naar de tuinders en zo proberen een goed beleid te voeren. Door enkel regels op te leggen, komt het niet goed. Men heeft de mond vol van lokale productie, maar je wordt tegenwoordig zodanig beklemd in je ondernemerszin dat je ontmoedigd wordt. Heel jammer, want zo bloedt onze sector stilaan dood.”

Dirk is een bezige bij, want hij is ook nog lid van de productgroep ‘Alternatieve slasoorten’ bij BelOrta, lid van de studiekring Sint-Katelijne-Waver Vollegrondsgroenten én voorzitter van Landelijke Gilde Deurle-Latem. “Er zijn er veel die op de kar willen zitten, maar minder die ze willen trekken”, zegt Dirk.

Hoe ziet hij de toekomst? “Ons bedrijf staat op punt. Ik zou het jammer vinden als we het niet zouden kunnen overlaten aan iemand uit onze sector. Ik heb het Kenniscentrum Bedrijfsopvolging van Boerenbond, dat je hierin goed kan ondersteunen, al gecontacteerd. Verder hoop ik dat de overheid vooral zal werken aan economische duurzaamheid: dat bedrijven generaties lang kunnen blijven bestaan, ook in kleinere teelten, zodat de consument nog kan kiezen uit een (bio)divers aanbod van groenten. We zijn tenslotte over onze voeding bezig …”

Dirk Boeren
Dirk Boeren