Menu

Controles dierenwelzijn in slachthuis blijven momentopname

Terug naar Actualiteit
Sector: 
Regio: 
Een 25-tal dierenartsen zijn gestart met controles op dierenwelzijn in de slachthuizen. Daarbij kunnen fikse boetes vanaf 640 euro uitgedeeld worden aan zowel veehouders, transporteurs en het slachthuis zelf. De wetgeving is niet veranderd en blijft identiek aan de Europese regelgeving. Maar of een dier al dan niet “geschikt is voor transport” is voor vele interpretaties vatbaar.

Els Goossens, Adviseur Diergeneeskunde

En daar wringt het schoentje… Eind oktober ging Boerenbondvoorzitter Sonja De Becker hierover in overleg met Minister Weyts. Boerenbond is absoluut voorstander om dierenwelzijnsproblemen aan te pakken. Door de coronacrisis hebben de pas aangeworven dierenartsen die in de slachthuizen aan de slag gaan, echter geen praktijkervaring kunnen opbouwen. Veehouders en transporteurs blijven met veel twijfels en een gevoel van rechtsonzekerheid achter. Er is nood aan een duidelijk kader. Met de minister zijn er afspraken gemaakt over een heldere voorlichtingscampagne voor alle betrokken partijen.

Eenduidige toetsingscriteria nodig in de slachthuizen

Ook veehouders waren geschokt door de beelden van de twee slachthuizen die in 2017 naar buiten werden gebracht. Niemand wil dieren met ernstige verwondingen of onvoldoende bedwelmde dieren geslacht zien worden. De inbreuken op het dierenwelzijn die te zien waren, mogen echter geen onterechte veroordeling betekenen voor alle slachthuizen en de hele sector. De slachthuizen hebben alles in het werk gesteld om dierenwelzijn op duurzame wijze te verankeren, zoals het plaatsen van camera’s en doorgedreven opleidingen voor personeel en de dierenwelzijnsverantwoordelijke. FEBEV, de beroepsvereniging voor slachthuizen, sloot zowel een convenant af met de Vlaamse als de Waalse overheid. Een belangrijk onderdeel van dit convenant was een doorlichting van alle Vlaamse slachthuizen door experten van de Thomas More Hogeschool.

Deze doorlichting bracht een aantal pijnpunten in het slachtproces aan het licht, maar ook dat een beperkt aantal dieren niet transportwaardig was – “de kwaliteit van de dieren was doorgaans goed”. Enkele van de aanbevelingen waren ook het oprichten van een kenniscentrum rond de slachtprocedures en het voorzien van voldoende (kleine) slachthuizen om de transportduur te beperken, eventueel onder de vorm van mobiele slachthuizen.

Een enorme stap vooruit werd gezet met het Vlaamse verbod op onverdoofd (ritueel) slachten vanaf 1 januari 2019. De sector is alleszins geen vragende partij om hierop terug te komen.

Boerenbond is absoluut voorstander van aanpak van dierenwelzijnsproblemen; Boeren en transporteurs die dieren met open wonden, gebroken poten of extreme magerzucht naar het slachthuis brengen, moeten beboet worden... De beoordeling of dieren geschikt zijn voor transport, is veel minder duidelijk. Veehouders hebben bovendien geen controle over de omstandigheden tijdens het transport of het lossen van de dieren.

Ondertussen is er al een betere algemene bewustwording en is er bij twijfel steeds overleg met de bedrijfsdierenarts. De slachthuizen passen bovendien strengere dierenwelzijnscontroles toe en weigeren dieren die ongeschikt zijn voor transport. Deze dieren moeten – omwille van de hygiënewetgeving – wel ter plaatste gedood worden, en de transporteur en de veehouder krijgen deze kosten opgelegd.

In opdracht van bevoegd minister Weyts, starten nu dus de zelfstandige dierenartsen met aangekondigde controles op dierenwelzijn in de Vlaamse slachthuizen, Dit is dus niet de eerder geplande vliegende brigade van goed opgeleide en omkaderde dierenartsen die onaangekondigde controles zouden uitvoeren.

Daarnaast blijven ook de veekeurders van het Federaal Agentschap voor de veiligheid van de voedselketen (FAVV) en de dierenwelzijnsverantwoordelijke van het slachthuis dezelfde controles uitvoeren. De startende dierenartsen worden tijdens hun eerste controles nog opgevolgd door de inspecteur-dierenartsen van de Dienst Dierenwelzijn zelf. We begrijpen dat er ergens een start gemaakt moest worden, maar we hopen dat dit geen valse start is. En dat dit vooral als een leerproces aanzien wordt, waarin nadien de nodige correcties aangebracht kunnen worden, die leiden tot een (kosten)efficiënte handhaving. En we hopen dat het leergeld niet ten koste is van de sector, maar daadwerkelijk leidt tot een verbeterde bewustwording en dierenwelzijn. Met de minister is al de goede afspraak gemaakt dat we samen werken aan een voorlichtingsplan dat handvatten kan aanreiken bij de beoordeling van de geschiktheid voor transport aan veehouders, transporteurs, slachthuizen en alle betrokken dierenartsen.

Deel deze pagina: