China, over- én onderschatte markt voor lekkers van bij ons

De recente handelsmissie van Belgische bedrijven onder leiding van premier De Croo naar China zette de schijnwerpers nog eens duidelijk op deze Aziatische grootmacht. Maar hoe belangrijk is die Chinese afzetmarkt nu echt voor onze landbouwproducten? Een blik op een interessante markt die niet te onderschatten valt, maar vooral ook niet overschat mag worden.

Het was acht jaar geleden dat een Belgische eerste minister een staatsbezoek bracht aan China. Premier Alexander De Croo had zich voorgenomen om dat elk jaar van zijn ambtstermijn te doen, maar daar stak de coronapandemie een stokje voor. Begin januari 2024 was het dan eindelijk toch zover. President Xi Jinping bleek een gaatje in zijn agenda te hebben en dus trok er een delegatie van 282 Belgische bedrijven (waarvan 26 uit de voedingssector) onder leiding van de premier en minister van Buitenlandse Zaken Lahbib naar China. Het doel? De banden weer wat aanhalen, zowel op diplomatiek als op economisch vlak. De Croo nam zich voor om Xi op subtiele wijze te confronteren met de manier waarop China omgaat met mensenrechten en zich probeert in te mengen in buitenlandse politiek. En met een handelsbalans die sterk in het voordeel van de Chinezen doorweegt – China exporteert maar liefst vijf keer meer naar ons land dan omgekeerd – was er dus ook op het vlak van vrijhandel wel wat te bespreken. Ook Boerenbondvoorzitter Lode Ceyssens maakte deel uit van de delegatie uit de voedingsindustrie. De tijd was kort, want de Belgische afgevaardigden waren maar 36 uur in het land. Toch bleek dat voldoende om de deur voor heel wat Belgische voedingsproducten weer open te krijgen. Al gaat daar uiteraard een hele voorgeschiedenis aan vooraf.

Handelsbalans uit evenwicht

Het belang van China als handelspartner van België en bij uitbreiding Europa mag niet onderschat, maar zeker ook niet overschat worden. De meest verhandelde goederen die ons land met China uitwisselt (in twee richtingen) zijn chemicaliën, machines en onderdelen, transportonderdelen en plastics. Het handelstekort dat België daarbij aanhoudt is in de loop der jaren alleen maar toegenomen: van -6 miljard euro in 2018 tot maar liefst -27,7 miljard vorig jaar. Dat wil zeggen dat China veel meer naar ons land uitvoert dan wat wij naar hen exporteren. Hoewel het een waardevolle handelspartner is, moet het belang van China in onze handel ook niet overschat worden. Het uitgestrekte land staat op de tiende plaats in het lijstje van onze belangrijkste partners op het vlak van uitvoer en op plaats 5 voor invoer. Onze buurlanden Frankrijk, Duitsland, Nederland en het Verenigd Koninkrijk spelen op dat vlak een veel belangrijkere rol. Buiten Europa zijn de Verenigde Staten en Afrika voor ons land belangrijkere afzetmarkten dan China.

China lust ons lekkers

In de totale Belgische in- en uitvoer van agrarische producten heeft Vlaanderen een aanzienlijk aandeel van zo’n 85%. Met een handelsoverschot van 7,5 miljard in 2022 is het duidelijk dat we in Vlaanderen meer voedsel exporteren dan we importeren. Het belang van China in die agrovoedingshandel is vrij beperkt. Frankrijk, Nederland, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk zijn ook in deze sector met overschot onze belangrijkste afzetmarkten, daarna komen Spanje, Polen, Italië en Luxemburg. Plaats acht is voor de Verenigde Staten, de top tien wordt vervolledigd door China. Als je weet dat we in 2022 voor 712 miljoen euro exporteerden naar China terwijl de waarde van onze Franse export van voedingsmiddelen afklokt op maar liefst 10,4 miljard euro, zet dat de Chinese markt wat in perspectief. Het land is verantwoordelijk voor 1,32% van onze uitvoer van agrovoedingsproducten. Wat import van voeding betreft is China voor ons geen grote leverancier. Er worden wel degelijk voedingsmiddelen vanuit China ingevoerd, maar het land komt zelfs niet voor in de top 10 van importerende landen.

Small country, great food

Waar de handelsbalans voor de gehele economie dus sterk overhelt in het voordeel van China, geldt op voedingsvlak het omgekeerde verhaal. Voor handel in voeding en dranken exporteren we sinds 2016 meer naar China dan wat we importeren. In 2023 gaat het om een saldo van ruim 105 miljoen euro (tot november). En daar zit het feit dat ons land internationaal hoge ogen gooit inzake voedselkwaliteit en -veiligheid voor iets tussen. De vlag ‘Food.be-Small country. Great food’ waaronder onze Belgische voedingsproducten in China worden gepromoot, benadrukt zowel de culturele identiteit als de uitmuntende kwaliteit van lekkers uit ons land. Onze meest geëxporteerde producten naar China zijn dan ook typisch Belgisch: aardappelbereidingen, chocoladeproducten, zuivel en bier. Omgekeerd voeren wij vanuit China op voedingsvlak vooral vis en schaaldieren, bevroren groenten, honing en veevoeders in. Nog een belangrijk onderdeel van de economische missie in China was e-commerce. Internetgiganten als Alibaba Group zijn immers interessante kanalen om onze producten tot bij de Chinese consument te krijgen. Ook een bezoek aan Alibaba’s Freshippo store stond op de planning. Via platformen als dit wordt kopen in de supermarkt gecombineerd met onlineshopping, wat wel eens een nieuwe manier van winkelen zou kunnen worden.

Welkom aan het vijfde kwartier

Voor 2018 was China een relevante, maar bescheiden afzetmarkt voor Belgisch varkensvlees. “In 2016 bereikte die export een maximum met zo’n 40.000 ton vlees”, zegt Joris Coenen, manager van het Belgian Meat Office van VLAM. “Dat is minder dan 5% van onze productie en bovendien gaat het vooral over het zogenaamde vijfde kwartier: poten, oren en andere stukken van het varken die bij ons niet populair zijn.” Toen een uitbraak van Afrikaanse varkenspest in 2018 ervoor zorgde dat China de grenzen voor Belgisch varkensvlees sloot, was dat dus zeer jammer maar niet allesbepalend. Twee jaar later behaalde ons land opnieuw het statuut ‘vrij van AVP’, maar de Chinese deur bleef gesloten. Tot het bezoek van de Belgische delegatie midden januari, waar werd aangekondigd dat ons varkensvlees er opnieuw welkom is. “De handelsmissie was zeker een belangrijke stimulans, maar achter de schermen waren heel wat partners uit de sector al jaren bezig met de voorbereidingen van het wegvallen van die importban”, weet Filip Fontaine, directeur van VLAM. “Eind 2023 bracht een Chinese delegatie nog een uitgebreid bezoek aan verschillende Vlaamse varkensslachthuizen. Dat de deur nu weer opengaat, is een duwtje in de rug voor de hele sector en hebben we te danken aan de samenwerking en inspanningen van diverse partners zoals VLAM, FAVV, Febev en Boerenbond.” Wouter Wytynck, adviseur Dierlijke veredeling bij Boerenbond, benadrukt het belang van deze verwezenlijking voor de Vlaamse varkenshouders. “De betere valorisatie van het vijfde kwartier die nu mogelijk wordt kan zeker een positieve impuls geven aan onze Vlaamse varkenshouders. Ze hebben heel wat jaren van zeer moeilijke prijsvorming en hoge kosten achter de rug. Wat ademruimte is absoluut welkom, zeker als we nog meer willen investeren in een nog duurzamere varkenshouderij.”

De deur open voor Vlaamse groenten

Nog een fijne aankondiging tijdens de handelsmissie: het wordt mogelijk om ook Belgisch witloof en paprika’s te exporteren naar China. Ook dit komt niet uit de lucht gevallen, want sectororganisaties als Boerenbond, het Verbond van Belgische Tuinbouwcoöperaties (VBT) en FAVV zijn al geruime tijd in onderhandeling met China. “Al in 2016 werd er zowel voor witloof als voor paprika een dossier overgemaakt aan het GACC”, zegt Pieter Van Oost, adviseur Plantaardige productie bij Boerenbond. “De inspectiebezoeken werden ingepland in 2020 maar moesten door de coronapandemie worden uitgesteld. Zo’n positieve evaluatie van het Chinese voedselagentschap GACC is geen evidentie. Het land legt de lat inzake hygiëne en traceerbaarheid zeer hoog.” Maar heel wat bedrijfsbezoeken en overleg met de Chinese autoriteiten ligt er voor witloof een getekend principeakkoord op tafel. En ook een definitief akkoord voor handel in Belgische paprika’s is een kwestie van tijd. Ook de Belgische prei- en knolseldersector staan trouwens in de rij om zo’n goedgekeurd protocol te krijgen en misschien wel later dit jaar volumes naar China te kunnen exporteren.

Appels en peren vergelijken

Peren zijn traditioneel een zeer belangrijk exportproduct voor ons land. Maar liefst 90% van onze productie is bestemd voor het buitenland. De Europese metropool is uiteraard de kern van die afzetmarkt, maar tot 2014 was niet minder dan 60% van de export gericht op Rusland. Dat kwam neer op zo’n 90.000 ton per jaar, bijna 30% van onze totale productie. Poetin legde in augustus 2014 echter een importban op voor heel wat Europese landbouwproducten, als reactie op de sancties die de EU oplegde na de Russische annexatie van de Krim begin dat jaar. Voor de perensector was dit gezien het belang van de Russische markt een zeer bittere pil om te slikken. De perensector werd jarenlang geconfronteerd met een aanbodoverschot en dus lage marktprijzen. Langzaam maar zeker won de export naar China (en de Verenigde Staten) echter aan belang. Onze typische conférenceperen blijken er zeer geliefd. Eurostat spreekt van een exportvolume van zo’n 1194 ton peren in 2022, cijfers uit de sector spreken eerder van 5000 ton. Waar dat verschil juist zit is niet duidelijk, maar de export van peren is sinds de introductie op de Chinese markt in 2010 wel duidelijk gestegen. Tijdens de handelsmissie gingen Belgische en Chinese vertegenwoordigers in gesprek om te kijken of de export nog verder kan worden uitgebreid. En nu lijkt ook markttoegang voor Belgische appels binnen handbereik. Dat dossier werd eveneens al in 2016 in gang gestoken, maar het bleef wachten op schot in de zaak. De slechte prijsvorming zorgde de laatste jaren voor een sterke terugval van het Belgische appelareaal, maar dat betekent niet dat een nieuwe afzetmarkt als China niet welkom is voor de telers.

Belgische frieten, Chinese aardappelen?

Hoewel de Chinese consument vooral fan is van rijst en granen, wil de Chinese overheid er ook de aardappelteelt stimuleren. Het land is trouwens al de grootste producent van aardappelen ter wereld. Die teelt is interessanter in tijden van droogte, want rijstproductie vraagt zeer veel water. Door een gebrek aan ervaring en praktijkkennis lijkt de aardappelteelt er echter moeilijk van de grond te komen. Belgische onderzoeks- en praktijkcentra als PCA of Inagro zouden op dat vlak een meerwaarde kunnen bieden in China. Maar ook onze Belgische frietjes hebben er een positief imago. België is op dit moment de tweede belangrijkste exporteur van diepvriesaardappelproducten naar China, alleen de Verenigde Staten gaan ons voor. Onze Belgische aardappelsector heeft de capaciteit om een land als China tegemoet te komen in hun groeiende vraag naar aardappelproducten.

Voorlopig geen rundvlees of gevogelte

Niet zelden is een uitbraak van een dier- of plantziekte een reden voor China om de import van voedingsproducten stante pede stop te zetten. Dat merkte ons land niet alleen bij de uitbraak van Afrikaanse varkenspest, maar ook toen een uitbraak van BSE bij rundvee er eind jaren 90 voor zorgde dat de Chinese deur dichtging. Hetzelfde gebeurde trouwens bij pluimveevlees toen België het statuut ‘vrij van de ziekte van Newcastle’ kwijtraakte. Dat statuut is sinds 2018 terug in orde, maar voorlopig blijft export naar China uit. Er liepen gesprekken rond de heropening van de Chinese markt voor pluimveevlees, maar de vogelgriepbesmettingen van eind vorig jaar gooiden roet in het eten. De hoop is dat export naar China zowel voor rundvlees als voor pluimveevlees toch weer mogelijk wordt.

Melk voor elk

Hoewel zo’n 70% van de export van Belgische zuivel bestemd is voor onze buurlanden en de rest van Europa, neemt het belang van export naar derde landen toe. China was in 2020 na Algerije de belangrijkste niet-Europese afzetmarkt voor onze zuivel. China is een markt die vraagt naar buitenlandse producten met een hoge toegevoegde waarde. En daar kan onder andere onze Belgische melkproductie een rol in spelen. Zuivelbedrijven van bij ons zetten daar sterk op in en nemen vaak deel aan Chinese vakbeurzen om onze zuivelproducten te promoten. Er is ook nauw contact met lokale importeurs en afnemers.

Lat ligt hoog

We zeiden het al, China is zeer streng op het vlak van bio- en voedselveiligheid als het gaat om het invoeren van buitenlands voedsel. Een uitbraak van een dier- of plantziekte kan ervoor zorgen dat de deur voor lange tijd dichtgaat en zeer moeilijk weer open te krijgen is, ook nadat een land weer een ziektevrij statuut heeft verkregen. Ook wanneer de handel in werking is, blijft men zeer alert. Regelmatige controles maar ook snel veranderende voorwaarden qua productie en bewaring zijn een realiteit. Zowel FAVV, de sectorfederaties als individuele producenten en exporteurs kunnen erover meespreken. Om de context van handel nauw te kunnen opvolgen heeft het Federaal Voedselagentschap sinds 2021 een afgevaardigde die permanent in China aanwezig is. Annabelle Schreiber vervult deze functie en ziet erop toe dat de handelsrelaties vlotter kunnen verlopen.

Betere valorisatie

Wouter Wytynck, adviseur Dierlijke veredeling, Studiedienst: "De overgrote meerderheid van onze landbouwproducten wordt in het binnenland of binnen de EU afgezet. Slechts een klein deel wordt geëxporteerd naar derde landen. Deze export is van cruciaal belang voor onze bedrijven en is het sluitstuk van een goed economisch en duurzaam verhaal. Voor de varkenshouderij gaat vooral om delen van varkens die bij ons of in Europa weinig of niet worden geconsumeerd en anders verloren zijn voor menselijke consumptie. Het varken wordt op die manier beter gevaloriseerd en de slachthuizen kunnen daardoor ook een betere prijs betalen aan de boer. Voor andere landbouwproducten zorgt de export voor de continuïteit in het productieproces, waardoor we hier verzekerd blijven van voldoende kwaliteitsproducten.

Voor Boerenbond is het erg belangrijk dat onze land- en tuinbouwers een goed inkomen kunnen verwerven en de export van producten naar derde landen draagt daar in belangrijke mate aan bij. Dat is dan ook de reden we ons sterk engageren om met de ketenpartners dit verhaal rond te maken. Dat de duurzaamheid van onze landbouw daardoor nog beter wordt is mooi meegenomen."