Menu

Terug naar Actualiteit >Bruinrotmaatregelen in Antwerpen en Limburg


De bruinrotbacterie blijft aanwezig in de waterlopen van de provincies Antwerpen en Limburg, dus kunnen aardappelgewassen er ook besmet worden via het oppervlaktewater. De beschermende maatregelen die destijds uitgevaardigd werden voor de betrokken zone, zijn nog altijd van toepassing. We vatten ze hier samen.

Beschermingszone van 44 gemeenten

De beschermingszone afgebakend op grond van de verspreiding van de bacterie in de waterlopen omvat de volgende gemeenten: Arendonk, Balen, Beerse, Berlaar, Brecht, Dessel, Dilsen-Stokkem, Geel, Grobbendonk, Ham, Hamont-Achel, Heist-o/d-Berg, Herentals, Herenthout, Herselt, Hulshout, Kasterlee, Kinrooi, Leopoldsburg, Lier, Lille, Lommel, Maaseik, Malle, Meerhout, Merksplas, Mol, Neerpelt, Nijlen, Olen, Oud-Turnhout, Overpelt, Ranst, Ravels, Retie, Rijkevorsel, Schilde, Schoten, Turnhout, Vorselaar, Vosselaar, Westerlo, Zandhoven en Zoersel. Wanneer telers in deze beschermingszone de beschermende maatregelen niet nauwgezet toepassen, kunnen ze bij een eventuele besmetting volledig aansprakelijk gesteld worden en kan het recht op schadevergoeding in het gedrang komen.

Maatregelen van kracht in deze 44 gemeenten

  • Het is verboden om oppervlaktewater (uit kanalen, beken, vijvers ...) op enigerlei wijze te gebruiken bij de teelt van aardappelen, tomaten en aubergines.
  • Aardappelpercelen mag je beregenen met ander dan oppervlaktewater (bijvoorbeeld grondwater) op voorwaarde dat je de installatie die je daarvoor gebruikt vooraf volledig en grondig spoelt met ander dan oppervlaktewater.
  • Aardappeltelers in de beschermingszone moeten vóór 30 april al hun met aardappelen beteelde percelen met een oppervlakte van meer dan 10 are aan de hand van de vereiste formulieren aangeven bij de provinciale controle-eenheid van de provincie waarin de percelen gelegen zijn. Omdat ze teeltrotatie moeten respecteren, mogen ze niet meer dan één keer om de drie jaar op hetzelfde perceel aardappelen telen.
  • Op percelen met andere gewassen dan aardappelen, tomaten of aubergines mag je oppervlaktewater gebruiken bij het regenen op voorwaarde dat je voldoende afstand van houdt van aardappelpercelen zodat die niet in aanraking komen met het gebruikte oppervlaktewater. Ook de (delen van) installaties die je gebruikt voor het beregenen van deze percelen mogen niet in aanraking komen met aardappelpercelen.
  • Om tomaten of aubergines te beregenen mag je oppervlaktewater uit een vergaarbekken gebruiken op voorwaarde dat je dit vóór 30 april meldt aan het FAVV via het vereiste formulier. Het betrokken vergaarbekken moet vrij zijn van waardplanten van de bruinrotbacterie. Het vergaarbekken moet gevuld zijn met grond- of regenwater. Wanneer het gevuld is met oppervlaktewater, moet het water minstens 48 uur opgeslagen worden vooraleer je het mag gebruiken. Tot slot moeten regelmatige analyses van oppervlaktewatermonsters, genomen door het FAVV, aantonen dat er geen fytosanitair risico is.

Contactpunten FAVV

 

Primaire productie – Plantaardige sector

  • Provincie Antwerpen: Italiëlei 4 bus 18, 2000 Antwerpen, tel. 03 202 27 11, fax 03 202 27 93
  • Provincie Limburg: Kempische Steenweg 297 bus 4, 3500 Hasselt, tel. 011 26 39 84, fax 011 26 39 85