Menu

Terug naar Actualiteit >Kansen voor functionele agrobiodiversiteit


De studiedag ‘Kansen voor functionele agrobiodiversiteit op het landbouwbedrijf’ maakte duidelijk dat bloemenranden niet alleen letterlijk en figuurlijk prachtige public relations verzorgen voor de landbouwsector, maar ook kunnen bijdragen aan de gezondheid van onze gewassen. De studiedag ging door op het proefcentrum Pamel, in het kader van het project FABuleus platteland (Vlaamse overheid, departement Omgeving).

Coördinator Mathias D’Hooghe van het Agrobeheercentrum Eco² vertelde dat ze daarin samenwerken met HoGent, de provincie Vlaams-Brabant en het Proefcentrum Pamel, BioBest, bioteler Ecodal – Kestemont en Boerenbond. De FAB in de projectnaam staat voor functionele agrobiodiversiteit. Insecten kunnen niet alleen door bestuiving bijdragen aan de opbrengst van allerlei teelten, maar vooral ook door plagen te helpen bestrijden. Het project wil in Pamel een FAB-demobedrijf opzetten, door gerichte bloemenranden aan te leggen. Verder wil het de effecten daarvan opvolgen, didactisch materiaal uitwerken ten behoeve van landbouwers en zorgen voor kennisuitwisseling, onder meer met Nederland.

In de Hoeksche Waard in Nederland zet een nog steeds groeiende groep akkerbouwers sterk in op FAB door gericht bloemenranden aan te leggen in functie van het gewas en de rotatie. Janneke Zevenbergen van Coöperatie Collectief Hoeksche Waard (CCHW) bracht daarover een heel bevlogen verhaal. De coöperatie telt 84 boeren die gericht één- of meerjarige bloemenranden zaaien, vaak ook in de spuitsporen. Ze kunnen ook kiezen voor grasranden (beter dan niets) en recent ook voor patrijzenveldjes. CCHW heeft 145 ha akkerranden, wat toch al snel over een kleine 500 km gaat. De boeren krijgen een vergoeding op basis van een 6 jaar lopende overeenkomst met de provincie. De middelen zijn afkomstig van Europa, provincie, gemeentebesturen en donaties van bedrijven en particulieren. Er zijn wachtlijsten. De akkerbouwers zien maatschappelijke voordelen, maar ook positieve effecten op hun teelt.

Dr. Felix Wäckers, hoofd research & development van Biobest, onderbouwde de ervaringen van de akkerbouwers met bevindingen uit allerlei onderzoek. Hij verwees onder meer naar een Brits onderzoek waar men in de zone van 50 meter langs bloemenranden meeropbrengsten vaststelde van 12% in tarwe, 26% in erwten en 32% in wortels. Joachim Moens van HoGent bracht informatie aan over het samenstellen van bloemenmengsels. Dat moet gericht gebeuren in functie van de teelt. Langs een veld met kolen wil je bijvoorbeeld geen vlinders aantrekken die graag hun eitjes afzetten op het koolgewas. HoGent staat in voor de inventarisaties van de nuttigen op het FAB-demobedrijf.

Na de uiteenzettingen kregen de aanwezigen de kans om zelf allerlei nuttigen, hun eitjes en larven te leren herkennen in en nabij een bloemenrand.

  • Om effectief te zijn moet de bloemenrand bloeien op het moment dat allerlei plagen het gewas kunnen belagen.

  • Bloemenranden trekken zowel bestuivers als nuttigen aan.

  • Na de uiteenzettingen kregen de deelnemers de kans om met de loep zelf allerlei nuttigen in hun verschillende verschijningsvormen te leren kennen.

  • Janneke Zevenbergen van Coöperatie Collectief Hoeksche Waard (CCHW) bracht een bevlogen verhaal over 84 akkerbouwers die gericht één- of meerjarige bloemenranden zaaien in functie van hun teeltplan.

  • Janneke Zevenbergen en Felix Wäckers willen even kijken wat voor moois er in deze bloemenrand huist.