Op vraag van het Hoofdbestuur en de Bondsraad heeft onze voorzitter maandag een brief gestuurd naar minister Schauvliege. Met deze brief onderstrepen beide bestuursorganen van de Boerenbond hun ongenoegen over de voorgestelde bijkomende aanpassingen die Vlaanderen nog wil doorvoeren in het nieuwe Mestactieplan. De brief bundelt de belangrijkste bekommernissen van onze sector.
Mevrouw de minister Vandaag besprak zowel het Hoofdbestuur als de Bondsraad van de Boerenbond uw voorstellen van vorige vrijdag ter bijsturing van het Mestactieplan. Beide besturen gaan niet akkoord met de strengere maatregelen die voorliggen en zijn zeer ontgoocheld dat het al verregaand strengere actieplan nog steeds onvoldoende blijkt om de Commissie te overtuigen. Dit wijst op een diep wantrouwen tegenover de land- en tuinbouwsector, die nochtans zijn verantwoordelijkheid heeft genomen door zelf oplossingen naar voren te schuiven. We wijzen erop dat de overheid mee verantwoordelijkheid moet nemen voor het realiseren van de vooropgestelde 14% daling van slechte meetpunten, die in de komende periode gerealiseerd moet worden. Daarom vragen wij een gericht en efficiënt controlebeleid om specifieke problemen bij te sturen, in de plaats van een algemene benadering waarbij veel energie verloren gaat in gebieden en bij boeren die het wel goed doen. De strengere normen hebben een aanzienlijk kostprijsverhogend effect en dat moet dringend berekend worden. Daarbij vragen we bijzondere aandacht voor de precaire situatie in een aantal sectoren. Een verlaging van bemestingsnormen voor zand resulteert op deze gronden in een opbrengstdaling voor sommige teelten, onder andere voor groenten en gras-maïs. De differentiatie van de reststikstofnorm voor grasland van 90 naar 70 en 80 kg NO3/ha wordt ervaren als een visering van de rundveesector, met mogelijk een collectieve opstalling tot gevolg. Daarom moet grasland in de polders en de huiskavel hiervan uitgezonderd worden. Een bemestingsverbod als ‘begeleidende maatregel’ blijft voor ons absoluut onaanvaardbaar. De besturen betreuren dat de voorliggende maatregelen opnieuw tot meer administratie zullen leiden, zonder dat ook maar één spoor van vereenvoudiging merkbaar is. Ten slotte wijzen we erop dat de landbouwers zich slachtoffer voelen van het feit dat het meetnet in Vlaanderen fijnmaziger is dan in andere landen, hetgeen mede oorzaak is voor deze strenger geworden aanpak. De evaluatie van de resultaten en het meetnet zelf moeten grondig bijgestuurd worden in de nabije toekomst. Wat de fosfaatnormen betreft, blijven wij benadrukken dat die van vitaal belang zijn voor de toepassing van de goede landbouwpraktijken. De voorgestelde normen kunnen die nu al in het gedrang brengen. Met betrekking tot het beperken van mestopslag op de kopakker tot één maand, stellen wij dat een landbouwer nooit gesanctioneerd kan worden voor elementen die hij niet zelf in de hand heeft. Mevrouw de minister, wij vragen uw bijzondere aandacht voor al deze knelpunten, om de situatie voor de boeren leefbaar te houden. Namens de leden van het Hoofdbestuur en de Bondsraad Met de meeste hoogachting
Piet Vanthemsche, voorzitter
Je kan je ledenblad Boer&Tuinder en je vakblad Management&Techniek nu ook online lezen. En dit zelfs een dag vroeger dan hij normaal in je brievenbus valt. Dit is een exclusief voordeel voor onze leden. Lees meer