|
Op de graanmarkt blijft de onzekerheid een grote rol spelen. In onze contreien, maar ook in enkele andere productiegebieden, bemoeilijkt het slechte weer de graanoogst. De aanhoudende droogte noopte Rusland en Oekraïne tot het afkondigen van een exportverbod.
Europese Commissie sust de markt
Volgens de Europese Commissie zal het Russisch exportverbod geen hinder opleveren voor de Europese markt. De EU voert jaarlijks minder dan één miljoen ton Russisch graan in. Tegelijk schommelt de interne graanproductie in de Unie tussen 280 en 300 miljoen ton. “De vergelijking van beide cijfers toont duidelijk aan dat de impact minimaal, dan niet quasi nul zal zijn”, verduidelijkt men bij de Europese Commissie. Tegelijk stelt de Commissie dat er een voldoende grote graanvoorraad in de EU aanwezig is.
Anderzijds veroorzaakt de regenval van de laatste dagen niet alleen bij ons aanzienlijke opbrengstverliezen, maar ook in de grote productiegebieden. Er is sprake van ernstige schade in Duitsland, Polen en Denemarken. De oogst is verre van binnen, en wellicht zullen de Europese oogstcijfers neerwaarts moeten bijgesteld worden.
Onduidelijkheid in Rusland
Rusland heeft op 5 augustus een exportverbod ingesteld, naar aanleiding van de prognoses voor de graanoogst. Deze prognoses werden verlaagd met 10 miljoen ton, omwille van de hittegolf die het land teistert. De raming bedraagt nu 60 à 65 miljoen ton; een normale oogst bedraagt 90 miljoen ton. Volgens de Russische premier Poetin moet er niet gerekend worden op een snelle opheffing van dat embargo. De graanbehoeften van het land bedragen 78 miljoen ton. Volgens Poetin zouden de reserves (9,5 miljoen ton) en 21 miljoen ton overschot van de vorige jaren moeten volstaan. Er heerst echter veel onzekerheid over de effectieve grootte van de Russische stocks. Vraag is of het wel degelijk gaat over fysiek aanwezige stocks, dan wel over ‘berekende’ stocks.
Rusland, dat ongeveer acht procent van de tarweproductie in de wereld levert, is de derde grootste exporteur. De noodtoestand werd uitgeroepen in 27 regio's, waar over een oppervlakte van 10,7 miljoen hectare gewassen door het vuur vernietigd zijn. Intussen is ook onzekerheid ontstaan over de inzaai van de nieuwe oogst, en dit omwille van de droogtesituatie. De recente regenval zou deze onzekerheid alvast voor een deel moeten laten wegebben.
Ook Oekraïne beperkt nu graanuitvoer
Ondertussen laat ook Oekraïne verstaan dat het de graanexport beperkt. Wellicht valt de beslissing om dit jaar nog maximaal 3,5 miljoen ton graan uit te voeren. Het zou gaan om 2,5 miljoen ton nog te oogsten graan en 1 miljoen ton die al in de havens op verscheping ligt te wachten. De minister van Landbouw wijst op de aanhoudende droogte als belangrijkste reden voor het beperken van de export. De uitvoerbeperking zou op 1 september van kracht worden. Door het beperken van de uitvoer verzekert het land de binnenlandse voedselzekerheid, luidt het. Het afgelopen jaar exporteerde Oekraïne ongeveer 21 miljoen ton graan.
Markt blijft onrustig
De noteringen op de termijnmark,t en als gevolg daarvan ook op de fysieke markt voor graan, blijven sterke fluctuaties vertonen. Na het bereiken van het hoogtepunt van meer dan 220 euro/ton (baktarwe Matif Parijs, 76 hectolitergewicht, levering november 2010), is de termijnmarktnotering teruggelopen naar 206 euro/ton. De daling is er vooral gekomen door de prijsterugval op de termijnmarkt van Chicago.
Niemand kan vandaag voorspellen welke richting de prijzen de komende weken verder zullen kiezen. Veel zal afhangen van de uiteindelijke Europese oogst en de situatie in Rusland en Oekraïne. Het lijkt er alvast op dat de graanmarkt stilaan trekjes van de aardappelmarkt begint te krijgen…
Voor wat landbouwsector betreft, is de impact dubbel: de akkerbouwers kunnen morgen wellicht hogere graanprijzen ontvangen. Het is hen gegund, want de graanprijzen waren de voorbije jaren te laag om de kostprijs te dekken. Vergeleken met een gemiddelde kostprijs voor tarwe van 180 euro/ton, bieden de huidige prijsnoteringen uitzicht op een normale vergoeding voor de geleverde toegevoegde waarde. De rundvee, varkens- en pluimveehouders worden vandaag al geconfronteerd met hogere diervoederprijzen. Dit zet de rentabiliteit van deze bedrijven onder druk, want zij kunnen de hogere kosten heel moeilijk of niet doorrekenen.
De situatie op de graanmarkt illustreert dat de markt vandaag een centrale rol speelt in het Landbouwbeleid van de Europese Unie. De marktwerking is evenwel niet perfect. De prijs vervult zijn signaalfunctie als evenwichtbrenger tussen vraag en aanbod slecht tot niet, en grondstoffenspeculanten versterken de op- en neergaande bewegingen. Vraag en aanbod naar landbouwgrondstoffen zijn prijsinelastisch, en de wereldmarktprijzen zijn de resultanten van de restmarkt. In het verleden greep de Europese Unie in via een actief marktbeleid. Sinds 1992 trekt de Europese Unie zich stelselmatig terug uit de markt, met als gevolg een toenemende prijsinstabiliteit en structureel lage prijzen.
De recente financieel-economische crisis heeft ons de impact laten zien van een ongebreidelde deregulering. Er is bijgevolg nood aan een alternatief regulerend kader dat, met respect voor de markt, een oplossing biedt voor het falen van de markt. Prijsinstabiliteit heeft zijn prijs via een hogere risicopremie. De Boerenbond pleit in dat opzicht niet alleen voor het behoud van het bestaande instrumentarium (interventie, opslag) maar ook voor de ontwikkeling van nieuwe instrumenten (buffer voorraden, verzekeringen, termijnmarkten, …) om de markten te stabiliseren. Wisselkoersrisico’s vragen hierbij om speciale aandacht. Daarnaast pleit de Boerenbond voor de ontwikkeling van inter-professionele akkoorden, die moeten toelaten dat de landbouwsector een correcte vergoeding krijgt voor de geleverde toegevoegde waarde. Tot slot moet financiële speculatie op voedingsgrondstoffen aan banden worden gelegd.
– François Huyghe en Marc Rosiers, Studiedienst
|
|