Vlaanderen versus Süd-Tirol - donderdag 2 februari 2012
categorieën:
 

 
Het hoofdthema van de avond was de organisatie van commercialisatie. Van links naar rechts: Philippe Appeltans, Eddy Leclere, Gerhard Dichganz, Marc Rosiers en Florent Geerdens.

 

“We moeten stoppen met het opsommen van problemen, maar ze aanpakken. Samenwerken, dat is het sleutelwoord.” De vijfde nieuwjaarsvergadering van het Proefcentrum Fruitteelt, de studiekring Guvelingen en de vakgroep Fruit van Boerenbond, wilde daarvoor de aanzet geven.

Heel wat ‘schoon volk’ uit de fruitwereld was erbij, vorige vrijdag in de Academiezaal van Sint-Truiden. Moderatoren Eddy Leclere, voorzitter van de Studiekring Guvelingen en Leen Jolling, secretaris van de vakgroep Fruit, bekeken met oud-directeur René Ginckels en met zijn opvolger Dany Bylemans van het pcfruit de centralisatie van het fruitteeltonderzoek op één locatie. Directeur Marleen Vantomme en adjunct-directeur Philippe Delwiche van de tuinbouwschool van Sint-Truiden blikten terug op de Werktuigendagen. Maar de nadruk van de avond lag op commercialisatie. Om de aanwezigen te laten kennismaken met de problematiek en de aanpak in een ander teeltgebied, mocht Gerhard Dichganz, algemeen directeur van VOG, een afzetcoöperatie uit Süd-Tirol (Italië), zijn verhaal brengen.

Grootschalige fusieoperatie

Süd-Tirol is de noordelijkste provincie van Italië. Er wordt vooral Duits gesproken, want tot voor de Eerste Wereldoorlog hoorde het bij Oostenrijk. Het gebied is goed voor ongeveer 10% van de Europese appelproductie, maar die is kleinschalig. “Onze 10.300 producenten hebben een gemiddelde oppervlakte van 2 ha, maar veel bedrijven zijn slechts 0,5 ha groot”, vertelt Dichganz. De VOG is het resultaat van een grootschalige fusieoperatie die begon in 1999. Aanleiding waren de niet-kostendekkende prijzen in de periode 1997-1999, die tot een crisis leidden. “De fusie herleidde het aantal coöperaties van 33 tot 16. De vermarkting werd gecentraliseerd in VOG, dat instaat voor de bemiddeling. Vroeger benaderden die coöperaties dezelfde klanten met verschillende prijzen; nu blijft de concurrentie beperkt tot de dienstverlening.” De coöperaties opereren als pakstations. De klanten kunnen zelf kiezen wie voor de levering moet instaan.

Ook de productie werd omgeturnd. Oude rassen als Jonathan werden verlaten en andere rassen zoals Gala, Braeburn, Fuji en de clubrassen Pink Lady, Rubens, Jazz en Kanzi werden aangeplant. Naast VOG kent Süd-Tirol nog twee belangrijke coöperaties, namelijk VIP en FOS – een situatie die dus eigenlijk wel wat vergelijkbaar is met de Belgische. Ten behoeve van de export werken de vier grootste coöperaties sinds 2010 samen in From. “Wij Zuid-Tirolers zijn trots op onze autonomie. De onderhandelingen met de Russen drukten ons met de neus op het feit dat we Italiaanse appels verkopen. Dat was even slikken, maar nu verkopen we ‘het beste uit de Italiaanse Alpen’. Ik zou zelfs verder willen gaan en complete fruitkorven gevuld met fruit uit heel Italië willen aanbieden: van appels uit Süd-Tirol tot nectarines uit Sicilië.”

En bij ons?

Aan Philippe Appeltans, secretaris van VBT, en Marc Rosiers, hoofd van de Studiedienst van Boerenbond, werd gevraagd om het verhaal van Dichganz te toetsen aan de Belgische situatie en aan het EU-beleid. Appeltans verwees naar onze antwoorden op eerdere crisissen: “Op het einde van de jaren zeventig hadden wij onze Goldencrisis. Jonagold was toen het antwoord. In het begin van de jaren tweeduizend was Conférence het antwoord, een product met veel meer mogelijkheden voor export. Anders dan in Süd-Tirol, bepaalt hier de klok de prijs. We moeten vermijden in een debat te verzanden tussen believers en non-believers van een bepaald verkoopsysteem, want er leiden veel wegen naar Rome. Of een prijs nu wordt gevormd volgens dagverkoop, termijnverkoop, bemiddeling of klokverkoop, de markt bepaalt de prijsvorming. Onze coöperaties werken in andere omstandigheden, waarbij de meerderheid van de telers zelf zeggenschap wil hebben over het eigen product. De combinatie van klokverkoop en bemiddeling moet je in die context zien. Bovendien zijn onze veilingen zeer transparant inzake prijsvorming en daar zijn andere sectoren jaloers op.” Philippe Appeltans ging ook in op de discussie over zin en onzin van de coöperaties. “Soms heb ik het gevoel dat hoe langer er veilingen bestaan, hoe gemakkelijker men vergeet waarom onze voorgangers ze opgericht hebben. Dankzij onze coöperatieve aanpak hebben we concentratie van het aanbod. Er werd een degelijke infrastructuur uitgebouwd, waardoor deze regio een spilfunctie kan blijven spelen in de Europese fruitmarkt. De veilingen nemen het voortouw inzake nieuwe variëteiten en ondersteunen vanuit een commerciële visie. Met onze initiatieven inzake residuproblematiek maken we duidelijk aan de klanten en aan de overheid hoe ver men kan gaan. En bovendien zorgen we ervoor dat investeringen in handelskanalen eigendom blijven van de coöperatie, en dus van de telers.”

“Samenwerking tussen telers in producentenorganisaties is – naast kwaliteitsdifferentiatie en contractteelt – één van de drie generieke strategieën om de brutomarge van de teler te verbeteren”, stelde Marc Rosiers. “EU-commissaris Cioloș heeft dit ook begrepen. Hij behoudt niet alleen de integrale GMO Groenten & Fruit, maar promoot samenwerking ook in andere sectoren. Producentenorganisaties hebben juist als taak de productie beter te plannen en op de vraag af te stemmen, het aanbod en de afzet van de producten van hun leden te concentreren (en te segmenteren), de productiekosten te optimaliseren en de producentenprijzen te stabiliseren. Hoe groter de concentratie, hoe beter het aanbod afgestemd kan worden op de vraag. Je zou dus verwachten dat de veilingen zouden zoeken naar intensere samenwerking. Dat kan nu al binnen de bestaande GMO, die voorziet in de associatie van producentenorganisaties. Die mogen dezelfde opdrachten uitvoeren als de producentenorganisatie. In de fruitsector kennen we EFC (European Fruitcooperation) als samenwerking van Veiling Haspengouw met Fruitmasters Nederland en Wurtenbergische Obstgenossenschaft uit de Bodenseeregio. Ook FruitBizz als samenwerking tussen Veiling Borgloon en BFV is een voorbeeld.” De deconcentratiebeweging vindt Rosiers overroepen. “In de voorbije jaren kwam er welgeteld één door de overheid erkende producentenorganisatie bij, met name Newgreen. Economie is niet statisch. Markten en marktposities zijn nooit voor eeuwig verworven. Dat noemt men concurrentie. De initiatiefnemers zijn wellicht overtuigd dat ze het beter kunnen. Het is aan de gevestigde waarden om hierop te reageren, wat ze ongetwijfeld doen. De toekomst zal uitwijzen of dergelijke initiatieven duurzaam zijn.”
Tijdens het debat werd ook nog verder nagedacht over de zin en onzin van clubrassen, maar daarop komen we terug in Management&Techniek van volgende week.

Patrick Dieleman 

 
Commentaren
 
NIEUW: Lees je vakbladen nu al online

Je kan je ledenblad 
Boer&Tuinder en je vakblad 
Management&Techniek nu ook online lezen. En dit zelfs een dag vroeger dan hij normaal in je brievenbus valt. Dit is een exclusief voordeel voor onze leden.

Lees meer

Disclaimer | Contact | Site-map